Home

Achtergrond 100 x bekeken

Ministers hielpen regio te laat bij Q-koorts

Minister Edith Schippers (Volksgezondheid) en staatssecretaris Henk Bleker (Landbouw) erkennen dat hun beider ministeries eerder hadden moeten zien dat de Q-koortsuitbraak de spankracht van de regio's te boven ging.

De bewindslieden schrijven dat in de brief aan de Tweede Kamer waarin ze voor het eerst reageren op conclusies die deskundigen maandag deden.

Een van de kritiekpunten van de zogeheten commissie-Van Dijk was dat de departementen doortastender hadden moeten optreden. Bleker en Schippers geven aan dat ze ondanks de formele verdeling van verantwoordelijkheden tussen Rijk en regio voortaan tijdens een grote infectie-uitbraak een duidelijk besluit zullen nemen.

Ook onderschrijven ze dat er aanvankelijk niet voldoende voortgang is geboekt. ,,Het kabinet trekt hier lessen uit voor de toekomst om condities te scheppen die een adequater optreden mogelijk maken.'' Wel benadrukken de bewindslieden dat de volksgezondheid altijd bij alle maatregelen vooropstond, "maar steeds bleef het moeilijk in te schatten of een maatregel het gewenste effect voor de volksgezondheid zou hebben''.

Twee aanbevelingen van de deskundigen nemen Bleker en Schippers in elk geval niet over. De nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) blijft formeel onder het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) vallen, zoals de dienst voorheen onder het nu in EL&I opgegane departement van Landbouw viel. De commissie adviseerde de controledienst juist los te koppelen van welk departement dan ook zodat de nVWA onafhankelijk als crisismanager zou kunnen opereren.

Ook krijgt het ministerie van Volksgezondheid niet per definitie de touwtjes in handen tijdens een crisis met een dierziekte die overslaat naar mensen. Het belang van de volksgezondheid staat voorop, maar bij de bestrijding is het nodig dat beide ministeries nauw samenwerken, menen Schippers en Bleker.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.