Home

Achtergrond 181 x bekeken

WUR bekijkt link hormoon bloembol en bloemkwaliteit

Het meten van hormoongehaltes en hun onderlinge verhoudingen kan aanwijzingen geven over de kwaliteit van de bloembol, voordat deze een bloem heeft gevormd.

Dit meldt onderzoeksinstituut Wageningen UR. De teler beïnvloedt de ontwikkeling van de bol en de bloem voornamelijk door middel van temperatuurbehandelingen tijdens de bewaarfase van de bloembollen. Die temperatuurveranderingen hebben invloed op de hormoonhuishouding van de bol. Dit leidt tot bijvoorbeeld vroegere of latere bloei, langere of kortere bloemen en de aanleg van meer of minder dochterbollen.

PPO Bloembollen en het Laboratorium voor Plantenfysiologie voeren een project uit waarin een methode wordt ontwikkeld voor het onttrekken en bepalen van plantenhormonen in bloembollen. Het is al mogelijk om in monsters van lelie- en tulpenbollen de gehaltes te bepalen van twee typen plantenhormonen; de Auxines en Abscissinezuur, inclusief hun afbraakproducten en opslagvormen. De methode voor het meten van drie andere typen hormonen (Gibberellines, Cytokinines en Strigolactonen) wordt op dit moment verder verfijnd.

Om een verband tussen hormoongehaltes en bloemaanleg te bestuderen, worden de hormoongehaltes gemeten in leliebollen waarvan bekend is dat ze na opplanten in de kas verschillende aantallen knoppen per tak laten zien. Tussen de leliesoorten zijn verschillen in hormoongehaltes waargenomen, maar er is nog geen samenhang tussen hormonen en bloei gevonden. Dit is wellicht wel mogelijk als de hormoonbepalingen zijn verfijnd.

Of registreer je om te kunnen reageren.