Home

Achtergrond 153 x bekeken

Gif in mossels te vinden zonder proefdieren

De aanwezigheid van gifstoffen in schelpdieren hoeft zeer waarschijnlijk vanaf 2013 niet meer getest te worden op levende proefdieren, zoals nu nog in de hele Europese Unie wettelijk verplicht is.

Bij het instituut voor voedselveiligheid Rikilt, onderdeel van de Wageningen Universiteit, is een methode ontwikkeld waarmee de gifstoffen in een machine opgespoord kunnen worden.

Chemicus Arjan Gerssen promoveert vrijdag op de door hem gevonden methode. Het Rikilt deed sinds 2005 mee aan een Europees project met als doel een vervanging te vinden voor de zeer dieronvriendelijke en ook nog onbetrouwbare proeven met muizen en ratten.

Soms produceren algen in schelpdieren gifstoffen, de zogenoemde mariene biotoxinen. Mensen worden daar bij consumptie heel ziek van en moeten overgeven, krijgen diarree, buikkramp en zelfs neurologische klachten. Mosselen zijn om die reden berucht bij velen. Tot nu toe sporen testlaboratoria de toxinen op door ratten mosselen te laten eten. Als ze diarree krijgen, is de partij niet goed en wordt zij vernietigd. "Maar in Nederland zijn de mosselen en andere schelpdieren meestal heel schoon, de foute komen grotendeels uit het buitenland'', troost Gerssen.

De Wageningse chemicus is erin geslaagd vloeistof uit de schelpdieren in een apparaat te scheiden in verschillende structuren. In die structuren zijn zelfs zeer lage concentraties van toxinen al meetbaar. De methode is in Nederland betrouwbaar verklaard. Nu testen laboratoria in dertien andere Europese landen en één in de Verenigde Staten de werkwijze. Als zij hem ook goedkeuren, wordt de methode van Gerssen voorgesteld als de officiële werkwijze in de EU-wetgeving. Vanaf 2013 zouden dierproeven dan niet meer nodig zijn.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.