Home

Achtergrond 195 x bekeken

Biologische landbouw is een oersterk productiesysteem

De wereldvoedselproductie zou bij volledige omschakeling naar biologische landbouw met 132 procent toenemen, meldde de FAO in 2007. De conclusie is nauwelijks opgemerkt, stellen Bert van Ruitenbeek en Edith Lammerts van Bueren, terwijl biologische landbouw een zeer interessante optie is om de voedseltekorten op te lossen.

Onderzoekers van de universiteit van Michigan zijn net als wereldvoedselorganisatie FAO tot de conclusie gekomen dat de wereldvoedselproductie tot drie keer zo hoog kan zijn bij volledige omschakeling naar biologisch. In rijke landen levert biologische landbouw gemiddeld net zoveel op als gangbaar, aldus de onderzoekers. Alleen bij optimale groeiomstandigheden en een hoog gebruik van kunstmest en pesticiden is de opbrengst van gangbare landbouw vooral in Europa en de Verenigde Staten zo’n 25 procent hoger. Dit gaat wel ten koste van biodiversiteit en bodemvruchtbaarheid, met verminderde productiemogelijkheden tot gevolg.

Waarom blijven dit soort berichten in Nederland ondergesneeuwd? Misschien omdat Nederland een van de grootste voedselexporteurs ter wereld is en een enorme veestapel herbergt, met alle daaraan gekoppelde belangen? Maar hoe groot is dat economische belang nu werkelijk als je alle maatschappelijke kosten incalculeert? Het te goedkope karbonaadje betalen we later via de blauwe envelop.

Zijn de economische mogelijkheden van een biologische en meer regionaal georiënteerde landbouw wel voldoende in beeld met hun bijdrage aan een schone leefomgeving, het bieden van zorg en aantrekkelijke toeristische mogelijkheden? Deze boeren zijn dragers van regionale economieën waar niet alleen geld wordt verdiend, maar ook een buffer ontstaat tegen de verschraling van het platteland.

Landbouweconomisch instituut LEI bracht onlangs naar buiten dat de biologische landbouw in Nederland – slechts 2,5 procent van het areaal – zo’n 10 miljoen euro aan harde besparingen oplevert voor het schoon houden van water, bodem en lucht.
Natuurlijk zijn ook biologische bedrijven niet perfect of ongevoelig voor allerlei dierziekten, maar telkens blijkt dat met de systeembenadering die aan de biologische landbouw ten grondslag ligt, veel problemen kunnen worden voorkomen en opgelost.
Wat zijn de belangrijkste kenmerken? Ten eerste het gebruik van organische mest en compost in plaats van kunstmest.

Ten tweede de nadruk op de ontwikkeling van sterke rassen en het kweken van weerstand bij planten en dieren, in plaats van nadruk op chemische bestrijding van plantenziekten en grootscheepse inzet van antibiotica in de veehouderij. Ten derde het toepassen van ruime vruchtwisseling in de plantaardige sector en ruimte maken voor diereigen gedrag in de veehouderij. En tenslotte een meer grondgebonden landbouw, die streeft naar het sluiten van kringlopen. Inzetten op kwaliteit, kringlopen, bodemvruchtbaarheid en op weerstand is duurzamer.

Uit alle onderzoeken blijkt de kwaliteit van de bodem de crux te zijn: biologische bodems bevatten meer leven en organische stof. Daardoor hebben ze een betere structuur. Het waterbergende vermogen kan 20 tot 50 procent groter zijn dan normaal. In jaren van grote droogte hebben biologische akkers 33 tot 41 procent meer opbrengst. Bij extreme regenval nemen ze twee keer zoveel water op als gangbare bodems. Met het oog op de klimaatsverandering ligt het inzetten op biologische landbouw daarom meer voor de hand dan zoeken naar droogteresistentie via gentechnologie.

Het wordt steeds duidelijker dat landbouw zich niet alleen kan bezighouden met de productie van handelswaren zoals mais en tarwe, maar in toenemende mate gevraagd zal worden alle ecologische diensten te produceren. De biologische landbouw kan een enorme aanjager zijn van de economie, waarbij werkgelegenheid en geldstromen dichter bij de boeren en de omgeving terechtkomen en minder bij multinationale bedrijven die vooral sturen op afhankelijkheid van de landbouw van (gen-tech)zaden en chemische middelen. Er ligt een historische kans voor de Nederlandse overheid om dit tot speerpunt te maken bij hervorming van het Europese landbouwbeleid en zich te profileren als innovatieve landbouwnatie.

Edith Lammerts van Bueren is bijzonder hoogleraar biologische plantenveredeling aan WUR. Bert van Ruitenbeek is voorzitter van Stichting Zaadgoed en oud-directeur van Biologica, de organisatie voor biologische voeding en landbouw.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.