Home

Achtergrond 181 x bekeken

Cultuurgrondvrijstelling van toepassing op braakliggend landbouwperceel

De gemeente Haarlemmermeer vist achter het net. De cultuurgrondvrijstelling van artikel 220d, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Gemeentewet (tekst 2003) is van toepassing op een braakliggend bouwterrein.

Kort samengevat is de aan het Hof Amsterdam voorgelegde zaak de volgende: Belanghebbende was tot maart 2003 eigenaar van een perceel, dat als landbouwgrond werd gebruikt. Eind januari 2003 is de gemeente begonnen met het bouwrijp maken van het perceel en de gemeente heeft de grond in maart 2003 van belanghebbende gekocht.

Belanghebbende doet een beroep op de cultuurgrondvrijstelling. Daarvoor is volgens het hof vereist dat de grond in hoofdzaak de functie heeft gewassen te voeden en te doen groeien. Het hof stelt vast dat voor de jaren 2001 en 2002 het perceel was aan te merken als bedrijfsmatig ten behoeve van de landbouw geëxploiteerde cultuurgrond. Het wijzigen van de functie van het perceel in bouwterrein heeft in feite pas na 1 januari 2003 plaatsgevonden. Dat het perceel op dat moment braak lag, in afwachting van een nieuw teeltseizoen, doet daar niet aan af. Belanghebbende heeft ook voor het jaar 2003 terecht een beroep gedaan op de cultuurgrondvrijstelling. Het Hoger beroep wordt vervolgens ongegrond verklaard.

Meer informatie: Hof Amsterdam 13 augustus 2009, 07/00822, 07/00823 en 07/00824

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.