Home

Achtergrond 204 x bekeken 14 reacties

Ten Have: rol voor overheid bij bovenwettelijke eisen

Als de markt niet bereid is meer te betalen voor maatschappelijk gewenste bovenwettelijke eisen voor de varkenshouders, dan ligt er een taak voor de overheid om de doorvoering van dergelijke eisen te stimuleren.

De overheid zou dat kunnen doen met fiscale maatregelen of met investeringssubsidies. Ook zou de overheid mogelijk kunnen zorgen voor een minimumprijs voor het varkensvlees. Deze ideeën oppert voorzitter Annechien ten Have van de LTO-vakgroep varkenshouderij in een interview voor de website Foodlog.

Met bovenwettelijke maatschappelijke wensen doelt Ten Have op zaken als extra ruimte voor de varkens of de houderij volgens de comfort class-principes. Deze wensen zorgen voor een sterke kostprijsverhoging van de productie, maar er wordt geen meerprijs in de markt voor betaald.

Deze week werd ook bekend dat Ten Have om die reden ook de oppervlakte eis van één vierkante meter per vleesvarken die vanaf 2013 verplicht zou moeten worden in Nederland ter discussie wil stellen.

Ten Have wijst er ook op dat de varkenshouderij creatiever moet zijn door vlees te produceren met een betere onderscheidende smaak. In dat verband pleit zij voor meer onderzoek naar de invloed van voersamenstellingen op de smaak van het vlees.

Zij vindt verder dat ook supermarkten als Albert Heijn op dit terrein een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben. Zij zouden samen met de producenten moeten stimuleren dat er meer keuzemogelijkheden in het schap komen als het om varkensvlees gaat.

Laatste reacties

  • no-profile-image

    Sake Moesker

    Als je het verhaal goed leest zie je dat er behalve de houderij, juist ook wordt gesproken over de smaak van vlees.

  • no-profile-image

    Peter Jens

    Bij het lezen van het foodlog interview en de AGD reactie daaromtrent bekruipt me een eigenaardig gevoel: Ik weet te weinig van conventionele varkenshouderij, maar het lijkt erop dat Annechien en Dick voorstander zijn van een door de burger -zo direct mogelijk- gedragen en betaald systeem waarmee -voor conventioneel- bovenwettelijke dierenwelzijnsmaatregelen gefinancierd kunnen worden.
    Lijkt me een uitstekend idee. Het eigenaardige gevoel echter komt doordat ik weet dat er al een democratisch systeem is waarmee de burger vat heeft op (en dus invloed heeft op) vleesproductie en de boer zich extra milieu of dierenwelzijnsinspanningen middels hogere marge kan veroorloven: Het biologische systeem. Mijn vraag is dan hoe kunnen we dat systeem bruikbaar maken voor conventioneel?
    Ik denk graag mee over dat prestatiecontract met de burger. We hebben er al enige ervaring mee...

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Wat ik nou vergeet: zwart label in de gedachtengang hierboven is niet de kwaliteit van black label, maar de zo gewraakte van 'gangbaar'.

  • no-profile-image

    krul in de

    Maw als de consument niet wil betalen, dan moet de belastingbetalers er maar voor opdraaien. En absoluut geen minimum prijs afspreken !! Dit wordt dan de standaard prijs en worden we allemaal lui en is er geen innovatie meer. De doodsteek voor de varkenshouderij. En als je wat wilt dan moet je eerst een afzetmarkt vinden en daarvoor produceren en niet zoals lto doet. Eerst een stalletje bedenken (comfortklas) en dan maar zeuren dat er meer betaalt moet worden. Met als mogelijk gevolg dat het standaard wordt in NL.

  • no-profile-image

    anne

    juist door zelf initiatieven te nemen als comfortstal weten we regelgeving te voorkomen en door een proactieve houding heel vervelende discussies te voorkomen.

  • no-profile-image

    Sake Moesker

    Ik refereer aan het antwoord op de vraag 'Maatschappelijke diensten?"etc uit het interview. Daar spreekt Ten Have wel degelijk over de keuzemogelijkheden in het schap.

  • no-profile-image

    Annechien ten Have Mellema

    Dick, je hebt precies weergegeven wat ik bedoel.

    Uitgangspunt is voor mij: het Europees dierwelzijnsniveau als basis. Niks mis mee, maar.... als burgers meer willen, kan dat.
    De burgers / politiek moeten dan kleur bekennen. Wat wil je: een basis wettelijk geregeld dierenwelzijns niveau of wil je er een schepje boven op doen. Dat kan maar dan moet de portemonnee wel getrokken worden.

    Ik vind dat dit een vrijwillige keuze zijn. Als je er een schep(je) bovenop doet, moet dat beloond worden en zichtbaar liggen in het schap. Daarbij moeten we de smaak niet vergeten. Ook Albert Heijn moet hier als grootste vleesverkoper aan meedoen. Niet alleen voor buitenlandse producten maar ook voor binnenlandse producenten.

    Een faire prijs voor een fair product. Ook dat is duurzaam ondernemen.

    We kunnen dit samen realiseren. De overheid kan de bovenwettelijke productie stimuleren middels een investeringstimulans en/of fiscaal. De taak van Albert Heijn en de vleesverwerker is om dit product in het schap te krijgen.
    Ook hier geldt: Waar een wil is, is een weg. We moeten deze hindernis samen nemen.

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Het gaat inderdaad om smaakdifferentiatie in het interview. Dat brengt onmiddellijk het verwaardingsprobleem met zich mee. Biologische kipfilet kost dik 25 euro omdat de filets (op z'n best 25% van de kip) de niet als biologisch te verkopen delen moeten goedmaken. Dat zal je ook krijgen met beter vlees dat m.n. in vers zijn meerwaarde zal moeten opbrengen. Ook in vleeswaren zullen ze dat moeten kunnen. Dat is een om een aantal redenen - het is een margemaker en je kunt prima uitstekende vleeswaar maken met om het even welke varkensvlees - een lastige.

    Opmerkelijk in het interview is het pleidooi om dierwelzijn te zien als een maatschappelijke dienst. Het spoort met gedachten zoals die ontwikkeld zijn door Arnold Heertje in zijn boekje Echte Economie. Als burgers dierwelzijn echt belangrijk vinden en de monetaire economie maakt dat onmogelijk, zorg dan als maatschappij voor een maatregel die het wel mogelijk maakt. Nu leidt de druk vanuit de militant drammende dierenbeweging tot het afwentelen van de kosten van onze moraliteit op enkele ondernemers die al met hun rug tegen de muur staan. Het is een voorstel dat uit de koker van de Partij van de Dieren had moeten komen. Het is eenvoudig in budget om te zetten zodat zichtbaar wordt hoeveel belastinggeld we collectief bereid zijn aan dierwelzijn uit te geven. Afhankelijk van de voorbeelden die Nederland wil stellen, is het wellicht een goed idee om er een referendum over te houden.
    Dierwelzijn is tenslotte een onderwerp dat hoog in het nieuws staat. Ten Have maakt duidelijk dat je wel kunt knijpen in een lege citroen, maar dat helpt niet. Druk om boeren creatiever te maken helpt dus niet. Ook slachterijen gooien het probleem gewoon naar achteren. Iedereen die bij zijn verstand is, zou dus moeten beseffen dat het nu tijd is om als maatschappij kleur te bekennen: willen we dierwelzijn of willen we matig dierwelzijn niet meer in onze achtertuin?

    In het tweede geval zal minder dierwelzijn vanuit het buitenland op ons bord komen. In het eerste geval moet er een portemonnee worden getrokken.

  • no-profile-image

    Peter Jens

    Dick: Inzake de verantwoordelijkheid van de burger: Daarmee komen we op bijzonder spannend terrein: Dat van de geschreven en ongeschreven burgerplichten. Misschien dat een meelezende jurist kan inhaken... Wat ik zie is dat Biologica's tienduizenden donateurs en de miljoenen mensen die bewust biologisch of fairtrade of milieukeur of andere producten met een kennelijk maatschappelijk attribuut kopen daarbij een of meerdere vormen van hun ongeschreven -maar al wel in jurisprudentie voorkomende- burgerplicht uitoefenen. (oa prof ten Berge heeft over "behoorlijk burgerschap" gepubliceerd) Bijvoorbeeld schadebeperkingsplicht, of de informatiehaalplicht. In 2005 schreef de toenmalige Minister Pechtold een brief aan de TK: Het meer eigentijdse burgerschapsconcept waarvan het kabinet uitgaat is als volgt geformuleerd:
    Het kabinet denkt dan aan een burger die zelfredzaam, mondig en betrokken is, hetgeen zich niet in de eerste plaats uit in het indienen van tegen de overheid gerichte eisen, klachten en beroepen maar veeleer in maatschappelijke zelforganisatie en initiatieven.
    Daarmee is het prestatiecontract: De geinformeerde burger (informatiehaalplicht) toont door eetgedrag (zelforganisatie (nou ja, for arguments' sake)) dat ie wat voor maatschappelijke schade dan ook-WIL beperken (schadebeperkingplicht). Als producenten hebben we tegeljkertijd een informatiebrengplicht (over onze productiewijzen en LCA's); maar ook een een informatiehaalplicht over wat de betrokken burger wenst en eveneens een schadebeperkingsplicht.
    Ik doe maar een voorzet, want zelfs (?) juristen kunnen me niet precies aangeven wat burgerplichten zijn, maar er is zeker iets dat broeit. Waar het mij nu omgaat is dat in het biologisch systeem de beginselen vastgelegd zijn voor deze kruiselingse rechten en plichten. Nog niet perfect, het is nog jong en volop in ontwikkeling, maar misschien bruikbaar voor zaken die voor "niet-biologisch-maar-ook-maatschappelijk-belangrijk-zijn".

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Peter, waar zit precies de verantwoordelijkheid van de burger in het prestatie-contract dat biologisch/Biologica met hem heeft afgesloten?

    Ik ben me als burger, noch als consument nl. niet bewust dat ik een verantwoordelijkheid heb. Ik weet alleen dat het van de schappen verdwijnt als er te weinig kopers zijn. Maar dat schrijf ik toe aan marktwerking.

    Ik stelde - voor alle duidelijkheid: volstrekt los van Ten Have - voor om een referendum te houden over een aantal scenario's (met onderbouwing over het waarom en de verwachte resultaten ervan voor dier, mens en milieu) met de belastingconsequenties voor individuele burgers die als collectief besluiten over de bovenwettelijke eisen die zij aan voeding kunnen stellen. Zoals ik al antwoordde aan Krul, datis niet bedoeld om de boer lui te maken. Integendeel.

    Een aanvulling op die gedachte, die werd geinspireerd door een voorstel van Jopie Duijnhouwer - een biologische tuinder - op foodlog. Ik vertaal het in de termen van het Franse Label Rouge systeem zoals dat in het interview aan de orde komt. Jopie stelt voor om het publiek te laten kiezen uit als het ware een Rood Label, Blauw Label, Groen Label en een Zwart Label dier. Rood is dan heel ok met veel ruimte voor het dier en gericht op kwaliteit, naar analogie van Label Rouge). Blauw is ok, maar prijsgericht (bijv. Volwaard). Groen is - helemaal nieuw - heel natuurlijk met zeeen van ruimte voor het dier en gericht op de best denkbare kwaliteit met oudere rassen dieren die niet gefokt zijn op optimalisatie van maar een aspect (dus bijv. terug naar de dubbeldoelkoe en -kip, de heel traaggroeiende vleeskip van vroeger en vleeskoeien die gemakkelijk zelf overleven in natuurgebieden, zoals Angussen). Biedt het publiek de keuze, informeer ze en laat ze kiezen.
    Dat is een andere aanpak dan die van de activitische dierenbeweging, die van incident tot incident de fokkers achter hen aan laten rennen. Hij is integraal, constructief en participatief.

  • no-profile-image

    Paul Jansen

    Sake Moesker, in de laatste alinea :"Zij vindt verder....... " wordt er een onjuist beeld geschetst van wat A Ten Have in het interview met Foodlog zegt. Zij stelt de vierkantsverwaarding aan de orde en niet het gebrek aan keuze in de schappen.

  • no-profile-image

    Annechien ten Have Mellema

    Ik denk meer aan de verschillende niveau's van productie. Dus basisproductie (volgens de wettelijke basisnormen. Een soort tussen of middensegment (onderscheidend op smaak, welzijn etc) en een topsegment (biologisch). Misschien vergelijkbaar met de verschillende labels die Dick noemt. Basis doe je voor de vrije markt. Biologisch is ook markt, maar hierbij wordt wel de kostprijs van het product meegenomen (voorzover ik dat weet) Bij een tussen of middensegment moet ook de kostprijs worden meegenomen en maak je dus als het ware een soort prestatie arrangement. Je levert wat en krijgt er voor betaald. Meer dan voor basis.

    Om dat tussen of middensegment in de benen te helpen, moet dit geholpen worden. Hoe denk ik nog over na. Maar ik wil toch nadrukkelijk kijken naar het toenmalige convenant biologische varkenshouderij. Daar hebben verschillende ketenpartijen afspraken met elkaar gemaakt. Nu is er wel een convenant tussensegment. Maar dat is een raamafspraak . Dat moet nader worden uitgewerkt. Volgens mij ontkomen we er niet aan dat in de beginfase er commitment in de keten is.

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Krul, geen idee wie je bent, want je vindt het nodig anoniem te zijn.

    Ik zou een prestatiecontract met de burger afspreken. Die roept dat'ie van alles wil, maar handelt ernaar niet naar als hij boodschappen doet.
    Als'ie doet wat hij belooft, zorgt dat voor volume, waarna de belasting daalt. De markt gaat dan draaien en komt door dat dooie punt. Daarna werken alle marktwetten weer. Van meet af aan zelfs al.

    Ben je nu nog steeds tegen?

  • no-profile-image

    Paul Jansen

    Akkoord, schrijf dan meer keuzemogelijkheden wat betreft het houden van varkens en niet m.b.t. varkensvlees.

Laad alle reacties (10)

Of registreer je om te kunnen reageren.