Home

Achtergrond 137 x bekeken 1 reactie

'Telers willen zelf openheid over phytophthora-gen'

Biologische aardappeltelers in de productwerkgroep Akkerbouw en vollegrondsgroenten van Bioconnect hebben zelf aangedrongen op het bekend maken van de resultaten van het phytophthora-onderzoek van PRI-WUR.

Dat zegt Marian Blom, kennismanager Akkerbouw van Biologica, de organisatie voor biologische landbouw en voeding.

Het onderzoeksinstituut PRI heeft drie phytophthora-isolaten gevonden die onder laboratoriumomstandigheden in staat zijn het resistentiegen Blb2 te omzeilen. Dit gen wordt veel gebruikt in de aardappelveredeling en zorgt bij de rassen Toluca en Bionica voor de volledige resistentie tegen de ziekte.

De productwerkgroep van Bioconnect, een platform voor innovatie en onderzoek in de biologische sector, werd geïnformeerd over de onderzoeksresultaten van PRI. Blom: "De productwerkgroep, die voor een groot deel uit telers bestaat, heeft er toen voor gekozen om biologische telers te wijzen op een kans dat phytophthora zou kunnen ontstaan in die rassen. Ook al is het doorbreken van de resistentie alleen in het laboratorium gezien. Het is geen leuke boodschap maar de aardappelsector is het meest gebaat bij een open communicatie hierover."

Eén reactie

  • no-profile-image

    Hendrik Rietman

    Blb2 wordt haast gedwongen om doorbroken te worden.


    Het stond er aan te komen dat Blb2 voor opschudding gaat zorgen. Resistentie genen als Blb2 kunnen namelijk gezien worden als het medicijn antibiotica dat gebruikt wordt in ziekenhuizen. Als je als ziekenhuis altijd maar met een bepaald antibiotica werkt, is de kans groot dat bacterien binnen no-time resistent worden tegen het gebruikte type antibiotica, daarom worden antibitica afgewisseld om te voorkomen dat resistenties optreden of kunnen accumuleren. Zo is het ook met aardappel resistentie genen. Ook midden vorige eeuw waren aardappelresistentie genen bekend en werd er heftig gekruisd met als resultaat dat er veel nieuwe cultivars kwamen met veelbelovende resistenties. Doordat deze resistenties vaak als een enkel gen in de cultivars zaten, kon Phytophthora deze snel en makkelijk omzeilen. Na deze koude douch zijn veredelaars afgestapt van dit soort Phytophthora resistentie.

    Tot onlangs. In het begin van deze eeuw zijn namelijk nieuwe resistentie genen gekarakteriseerd en gepresenteerd als zogenaamde duurzame resistentie genen omdat ze tot op heden nog niet doorbroken waren. Aan de andere kant zijn deze genen nog nooit in monocultuur geteeld. (Een vorm van gangbaren EN BIOLOGISCHE akkerbouw waarbij een het zelfde genotype verbouwd wordt.) Monoculturen staan er om bekend dat ze resistentie doorbraak bevorderen en het zou verbazing wekken als dit niet opgaat voor Blb2.

    Dat nu juist 'biologische' aardappelen als Bionica en Toluca (Aardappelrassen met een enkel resistentie gen) door de biologische sector zijn geadopteerd, schept mijn verbazing daar ze juist duurzaamheid en ecologisch welbevinden niet bevorderen (vanuit de praktijkkennis opgedaan in de vorige eeuw, zoals hierboven beschreven).

    Ook heeft Blb2 heeft een dubbele moraal voor de biologische sector. Blb2 is namelijk door Biotechbedrijf BASF gepattenteerd en veldproeven met Blb2-getransformeerde aardappelen zijn vaak aangevochten, terwijl ze in principe niet verschillen van de o-zo-beminde Toluca en Bionica (In beide gevallen zijn het aardappelen met het Blb2 gen).

    Geert Kessel wijst terrecht op het gevaar van het doorbroken worden van Blb2-resistentie.
    Allertheid is geboden. Feit is dat Bionica en Toluca uitstaan bij veel biologische telers, die zichzelf geen middelen gunnen om Phytophtora in de hand te houden.
    De geopperde oplossing, het verwijderen van geinfecteerde aardappel en omliggende planten is mijn inziens een schijnoplossing omdat, als Phytophthora zichtbaar is, er al vele sporen gevormd zijn die als nieuw inoculum dienen. Phytophthora gedraagt zich nou eenmaal niet als een virus. Blijft over: het compleet afbranden van velden (of infectiehaarden) bij infectie of switchen naar gangbare akkerbouw (en dus spuiten met fungiciden).

    De huidige problemen waar we nu tegen aanlopen met Toluca en Bionica, hebben veel weg van de huidige crisissen in de ecologie, economie en voedselvoorziening. De gecombineerde noemer zou kunnen zijn: korte termijn visie en winstbejag.
    Van veel producten en processen hebben we de duurzame visie niet voor ogen, simpelweg omdat we processen niet (willen) begrijpen en oplossen.
    Zo ook voor de duurzame aardappelteelt. Wat me moeten willen begrijpen is hoe Phytophtohra zijn werk doet en zich aanpast. Aan de andere kant moeten we weten hoe Phytophthora en de aardappel in oorsprongsgebieden kunnen samenleven, want dat kan!
    Door te stellen dat "Wilde aardappelen met het Blb2 gen al eeuwenlang op plekken in Mexico met een zeer hoge phytophthoradruk groeien", zoals Agrico doet, getuigt van een gebrek aan ecologische kennis daar er heel goed mogelijk WEL isolaten in Mexico bestaan die door Blb2 heen gaan, alleen is hier nooit naar gezocht. Tevens is het de vraag of de Phytophtohra druk in natuurlijke populaties hoog is, daar wij Phytophthora hoofdzakelijk kennen als de vernietiger van onze monoculturen.
    In de Mexicaanse oorsprongsgebieden groeien namelijk heel veel aardappelen welke allemaal hun eigen resistentie genen hebben, juist de afwisseling van resistenties en combinaties hiervan in natuurlijke populaties zorgt waarschijnlijk voor een lage Phtophthora druk.

    Afwisseling of combinatie van resistentie genen zou heel goed mogelijk ook voor een duurzame oplossing van de aardappelziekte kunnen zorgen. Struikelblokken naar een dergelijke aanpak liggen in de patentering van genen (wat een bedrijf het alleenrecht geeft op toepassing van een gevonden gen) en acceptatie van genetische modificatie.
    Zonder genetische modificatie en met deze oplossing moet de consument het toelaatbaar vinden dat een zakje verschillende rassen (welke elk een uniek resistentie gen hebben; Ras A met resistentie gen 1, Ras B met resistentie gen 2, Ras C met resistentie gen 3 enz... )in de winkel in EEN zakje liggen omdat ze nou eenmaal op een en hetzelfde veld als mix verbouwd zijn.

    Totdat dergelijke oplossingen beschikbaar zijn zou het eigenlijks verboden moeten zijn om resistentie genen als enkel gen in een monocultuur te verbouwen.

    Ook moet er een oplossing gevonden worden voor de huidige problemen die pattenten opleveren voor deze duurzame oplossingen. Een mogelijkheid zou kunnen zijn om onderzoeksgelden die gemoeid gaan met het identificeren van resistentiegenen in een te vormen FAO fonds te storten, waarna patenten aan de FAO toevallen. Op zijn beurt kan de FAO licenties voor uitgeven en beheren, met als voorwaarde dat ecologie en duurzaamheid voorop staan. Zoniet, dan blijven we ons steeds maar weer in de vingers snijden met doorbroken (particulier gepatenteerde) resistentie genen.

Of registreer je om te kunnen reageren.