Home

Achtergrond 82 x bekeken

Vrouwelijke Europarlementsleden vergaderen minder

Vrouwelijke Europarlementsleden zijn minder vaak bij vergaderingen aanwezig dan hun mannelijke collega's, zo blijkt uit cijfers van het Europarlement.

Op de lijst van de meest aanwezige Nederlandse Europarlementsleden van de afgelopen vijf jaar staan mannen op de bovenste elf plaatsen. De veertien vrouwelijke Europarlementsleden nemen samen de zestien onderste plaatsen in, samen met twee mannen. De lijst telt 27 namen.

"Maar de vrouwen zijn wel een stuk zichtbaarder voor het Nederlands publiek'', zegt Kathalijne Buitenweg, fractieleidster van GroenLinks. "Daar zit wel een verband. In de tijd dat je in Nederland mensen spreekt, kun je niet in het parlement zitten.''

Buitenweg was het minst aanwezige Europarlementslid, na de notoir afwezige fraudejager Paul van Buitenen. Ze meldde zich bij 70 procent van de plenaire vergaderingen, aldus een overzicht van het Europarlement. Volgens Buitenweg klopt dat cijfer niet. "Ik was wel in het gebouw, maar bij commissievergaderingen. Bovendien is mijn zwangerschapsverlof niet apart geregistreerd en was ik twee maanden ziek.''

Het meest trouwe Europarlementslid was Jan Cremers (PvdA). Hij kwam naar 98 procent van de plenaire vergaderingen sinds hij in mei vorig jaar tussentijds aantrad. Cremers beaamt dat: "Ik moest wel bij de les blijven, want ik had de afgelopen periode heel veel wetgeving te doen op mijn terrein. Zoals de besluiten over goedkoper bellen, verbod op zeehondenbont, globaliseringsfonds, noem maar op.''

Dat mannen iets vaker present zijn dan vrouwen, verklaart de PvdA'er door de grotere zorgtaken van vrouwen. "Ik denk dat ze daarom net iets vaker moeten overslaan.''

In de gehele zittingsperiode van het parlement sinds 2004 was Jan Marinus Wiersma (PvdA) koploper met 96 procent aanwezigheid. Van Buitenen, die zich vooral toelegde op fraudeonderzoek, kwam slechts naar 67 procent van de plenaire vergaderingen.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.