Home

Achtergrond 146 x bekeken

Voer nationale voorsprong uit

Boeren moeten meer en intensiever controleren

Agrarische ondernemers ontkomen er niet aan hun productie te versnellen en te intensiveren.” Dat zei LNV-minister Gerda Verburg tijdens de NCR-bijeenkomst (Nationaal Coöperatieve Raad) in Utrecht vorige week dinsdag.

Ten overstaan van de crème de la crème van de Nederlandse agribusiness, betoogde Verburg dat de kredietcrisis erg is, maar dat de voedselcrisis de ‘grootste, meest ingrijpende en daarmee meest riskante crisis is.’ De wereldbevolking dijt uit, waardoor er in 2050 niet 6,8 miljard, maar negen miljard monden gevoed moeten worden.

Geredeneerd vanuit de Nederlandse boer zijn er bij dit betoog wel enkele kanttekeningen te plaatsen:

1. De Nederlandse landbouw ís al erg intensief. Niet voor niets heeft ons land derogatie aangevraagd. Grasland wordt hier intensiever gebruikt dan elders in Europa.

2. Een hogere productie leidt tot meer industriematige bedrijven. Kijk naar de varkenshouderij en de pluimveehouderij, die we niet voor niets intensieve sectoren noemen. Maatschappelijk ligt dat erg moeilijk, waardoor grootschalige bedrijven maar geen vergunningen krijgen.

3. Met behulp van gentechnologie kunnen de opbrengsten van gewassen omhoog. De realiteit is echter dat de mogelijkheden van gentechnologie niet worden benut, omdat Europese regels dat niet toestaan.

4. Het Vierde actieprogramma Nitraatrichtlijn legt het stikstof- en fosfaatgebruik op veel gronden verder aan banden. Akkerbouwers op zand- en lössgrond vrezen productiedaling.

Kortom: Nederland is al kampioen als het gaat om een zo hoog mogelijke productie en intensieve bedrijfsvoering. De Nederlandse agribusiness moet deze voorsprong in het buitenland te gelde maken. Meer dan ooit liggen daar enorme kansen tegen de achtergrond van de voedselcrisis die nog steeds op de loer ligt. Maar dan wel zo dat een deel van die winst wordt teruggesluisd naar de Nederlandse boer.

Foto

Rochus Kingmans

Of registreer je om te kunnen reageren.