Home

Achtergrond 70 x bekeken

Ruimhartige toepassing criteria voor pleegkind

In de Successiewet zijn de criteria voor het begrip pleegkind opgenomen.

Kort gezegd is daarvan sprake als het pleegkind voor het bereiken van de leeftijd van 21 jaar gedurende ten minste vijf jaren door de pleegouder als een eigen kind is onderhouden en opgevoed. Er zijn dus twee criteria van belang: een onderhoudsvereiste en een opvoedingsvereiste. De rechtbank Den Haag heeft in een recente procedure deze vereisten ruimhartig toegepast. Dit heeft tot gevolg dat er aanzienlijk minder successierechten verschuldigd zijn.

De procedure betrof een jongeman die een moeizame jeugd had gehad. Zijn biologische ouders hadden zich niet om hem bekommerd en hij verbleef onder meer in diverse justitiële jeugdinrichtingen. Een ongehuwd gebleven man had zich in 1992 zijn lot aangetrokken en ontfermde zich over hem als ouder. In 2007 overleed hij. De jongeman had hij als erfgenaam aangewezen. Die claimde toepassing van tariefgroep I (pleegkind), de tariefgroep met de laagste successierechttarieven en een relatief hoge vrijstelling. De inspecteur paste echter tariefgroep III toe, de tariefgroep met de hoogste successierechttarieven. De toets aan het opvoedingsvereiste paste de rechtbank toe door vast te stellen of tussen de erflater en de erfgenaam een zodanig intense band had bestaan dat de erflater in feite de plaats van de biologische ouders van de erfgenaam had ingenomen. Dat was naar het oordeel van de rechtbank het geval. Op basis van feiten en omstandigheden was de rechtbank van oordeel dat ook aan het onderhoudsvereiste was voldaan. De rechtbank stelde vervolgens de erfgenaam in het gelijk.

Meer informatie:
Rechtbank Den Haag, 13 oktober 2009, nummer 09/1856

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.