Home

Achtergrond 369 x bekeken

Rabo: tweedeling bij vleeskuikenhouders

Onder vleeskuikenbedrijven ontstaat na 2015 een tweedeling.

Een groep bedrijven zal zich richten op een grote omvang (meer dan 150.000 vleeskuikens), een duurzame productie en een lage kostprijs. De tweede groep concentreert zich op concepten met een toegevoegde waarde, zoals het welzijn van de vleeskuikens. Dat zei Rabobank-sectormanager Hans van den Boom gisteren op een studiedag voor vleeskuikenhouders van mengvoerfabrikant Agrifirm.

De Nederlandse pluimveevleessector moet het tussensegment uitbreiden samen met de politiek, consumenten- en dierenwelzijnsorganisaties volgens de Rabobank-manager. Het tussensegment heeft nu een kleine omvang. "Uitbreiding daarvan kan extra Nederlandse wetgeving op het gebied van het welzijn van vleeskuikens voorkomen", zegt hij.

Door de uitbreiding van het aantal Nederlandse melkkoeien na het verdwijnen van het melkquotum in 2015, zullen pluimveerechten blijven bestaan. Dat werkt kostprijsverhogend voor de Nederlandse pluimveevleessector. De aanschaf van pluimveerechten maken meer dan 25 procent van het totale investeringsbedrag van vleeskuikenhouders uit. "Door de relatief hoge productiekosten daalt de productie van pluimveevlees de komende jaren in Nederland, terwijl die in Duitsland en Engeland stijgt", legt Van den Boom uit. Duitsland en Engeland zijn de belangrijkste afzetlanden voor Nederlands pluimveevlees.

Rabobank Nederland verwacht dat het aantal Nederlandse vleeskuikens in 2015 is gedaald van 43 naar 40 miljoen stuks. Het aantal vleeskuikenbedrijven is dan geslonken van 640 naar 400 stuks. De gemiddelde omvang van een vleeskuikenbedrijf zal in 2015 zo’n 100.000 stuks zijn. Nu ligt dat aantal op 67.000 stuks.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.