Home

Achtergrond 635 x bekeken

Overleven door te kijken naar boeren in andere sectoren

Ruim een jaar geleden beurde Joris Oosterink een dijk van een prijs voor zijn met zorg geproduceerde melk. Nog maar twee maanden geleden lag de prijs ver onder de kostprijs. "Dat is raar voor de meeste melkveehouders, maar voor ons niet", zegt hij.

Het zijn roerige tijden in de melkveehouderij. De liberalisering van de markt en de afschaffing van de quotering liggen daar onder meer aan ten grondslag. Vanwege die roerige tijden in melkveeland vroeg het Agrarisch Dagblad mij als melkveehouder én varkenshouder mijn opinie te geven. Omdat varkenshouders gewend zijn aan de vrije markt, en omdat melkveehouders daar nog aan moeten wennen. Of ik dat wou. Ja ach, ieder heeft een mening en een verhaal, dat geldt ook voor mij. Waarom ons bedrijf? Omdat we zowel varkens als koeien houden en omdat het bedrijf meer vennoten heeft, daarom.

Roerige tijden, inderdaad. Ruim een jaar geleden beurden we een dijk van een prijs voor onze met zorg geproduceerde melk en nog maar twee maanden geleden een prijs die ver onder onze kostprijs ligt. Raar voor de meeste melkveehouders, maar voor ons niet. Waarom niet zult u denken? Nou zoals boven al aangegeven zijn wij ook varkenshouders. Voorheen hadden we ook zeugen, nu alleen nog vleesvarkens. Zodoende kennen wij het fenomeen fluctuerende prijzen. Als ik deze week bijvoorbeeld een uitstapje naar de biggenprijzen maak, zie ik een notering van rond de 19 euro per big. Met alle toeslagen erbij zal er netto zo rond de 27 euro betaald worden. Dat is niet genoeg.

De zeugenhouder zal op dit moment een kostprijs hebben van ongeveer 40 euro. Hij komt dus een slordige 13 euro per big tekort. Een zeugenbedrijf met vierhonderd zeugen levert al gauw tweehonderd biggen per week. Dat maakt dan dus een verlies van 2.600 euro. Stel: dit duurt een jaar; dan komt het verlies op 135.000 euro, en dat is erg veel geld.

Dan de melkveehouder, 8 ton melk, kostprijs rond 30 cent, beurt maar 25 cent: verlies van 5 cent keer 8 ton melk is 40.000 euro. Dat is toch een heel ander bedrag. Nou weet ik wel dat de kasstroom bij de zeugenhouder veel hoger ligt, en er zijn ook heel goede jaren, zegt u dan. Nou dat was in melkveeland vorig jaar toch ook het geval?

Nog een voorbeeld over die kasstroom: melkveehouders wereldwijd moeten hun koeien ruimen, ze moeten hun productie remmen,
immers er moet toch geld bij? Klopt! Zeugenhouders echter produceren maximaal resultaat (lees biggen) om hun kosten over zoveel mogelijk dieren weg te zetten. Hier komen we dus gelijk bij de discussie of de rem op de melkquota wel het middel is.

Weer discussie. Dan moeten we tegen wereldmarktprijzen produceren, hoor ik u zeggen. Ja, dat doen we al. De melkprijs is grotendeels afhankelijk van de kaasmarkt en als je de zuivelaars mag geloven is dat de markt op wereldniveau. We zijn niet afhankelijk van de consumptiemelk op landelijk niveau.

Aan de andere kant willen we weer een grote sloot om ons Europa heenleggen met alle restituties die daarbij horen; ja, het helpt wel weer voor een betere prijs. Het gaat in dit voorbeeld niet om de absolute cijfers, het gaat erom dat we als melkveehouders gaan nadenken over hoe we om moeten gaan met de marktsituatie. Willen we kunstmatig regelen of moet de markt zijn werk maar gewoon doen? Voor beide zijn plus- en minpunten te bedenken. Moeilijk.

Ik denk zelf dat je als ondernemer je kansen en bedreigingen onder ogen moet zien. Of we willen of niet, de prijs gaat de komende jaren schommelen. De prijzen van aardappelen, bloemen en sla doen dat al jaren. Houd als ondernemer je vakmanschap hoog, geloof in je product.

Wat je in ieder geval niet moet doen is je gek laten maken, dingen doen die je anders ook niet zou doen. Scherp blijven op je krachtvoer is prima, maar onder, zelfs ver onder de norm voeren bijvoorbeeld, levert alleen nog meer negatief rendement op. Zo zijn er nog meer voorbeelden te noemen.

Ga eens bij een varkens- of pluimveehouder of tuinder op de koffie en vraag hoe die soms overleeft in roerige tijden. Ik weet zeker dat je er je voordeel mee kunt behalen, schroom niet!

Joris Oosterink werkt samen met veehouder André Hupkes in het gemengd bedrijf Terkuis in Laag-Keppel. Zij hebben zowel vleesvarkens als koeien

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.