Home

Achtergrond 99 x bekeken

Geen aanpassing oude aanslag na gunstige rechtspraak derden

Als de (belasting)rechter een beslissing neemt die voor oude gevallen gunstig zou zijn uitgepakt, dan is de belastinginspecteur niet verplicht om voor die gevallen een teruggave te verlenen, oordeelde de Nationale Ombudsman in Rapport 2008/0137. U bent uw centen dus kwijt, in de wetenschap dat het niet had gehoeven. En da’s niet leuk!

Landbouwgrond
In 1995 verkochten enkele agrarisch ondernemers een gedeelte hun landbouwgrond. Bij de verkoop behielden zij zich echter een tijdelijk gebruiksrecht voor. Op dit gebruiksrecht werd nadien niet afgeschreven ten laste van het resultaat. Later werd pas duidelijk – door rechtspraak in andere gevallen – dat afschrijving over het voorbehouden recht wel degelijk mogelijk was. Daarom verzochten deze ondernemers de belastingdienst de (inmiddels onherroepelijk vaststaande) aanslagen over de jaren 1995 tot en met 2003 ambtshalve te verminderen.

De Belastingdienst gaf echter niet thuis. Zij beriep zich op paragraaf 9.1 van het besluit van 25 maart 1991 van de staatssecretaris van Financiën. Die aanslagen had hij immers al in de knip, ook al was dat achteraf bezien ten onrechte.

Nationale Ombudsman
Omdat de betreffende aanslagen onherroepelijk vaststonden, konden de belastingplichtigen niet meer naar de fiscale rechter. Daarom stapten ze naar de Nationale Ombudsman. Die kan een gedraging van de overheid – en dus ook van de fiscus – bestempelen tot onbehoorlijk. En vaak krijgt de klager dan een tegemoetkoming, ondanks het feit dat hij of zij juridisch was ‘uitgepraat’.

Klacht
De verzoekers klaagden over de weigering van de Belastingdienst om aan het verzoek tegemoet te komen. Zij stelden dat de Hoge Raad in het arrest van 3 maart 2006 niet anders had gedaan dan uitleggen wat de fiscale consequenties waren van de keus om ter zake van het voorbehouden winstrecht in 1995 geen winst te nemen. Daarmee had de Hoge Raad, aldus verzoekers, niets nieuws gezegd en was van nieuwe jurisprudentie geen sprake. Derhalve was er geen belemmering voor het verlenen van ambtshalve vermindering

Volgens de inspecteur kan hij geen ambtshalve vermindering verlenen omdat er wel sprake is van nieuwe jurisprudentie. De Nationale Ombudsman gaf de inspecteur gelijk. Hij wees er op dat het arrest voor belanghebbenden weliswaar tot een gunstiger toepassing van de belastingwet leidt, maar dat de staatssecretaris in een besluit uit 1991 heeft aangegeven dat hij in situaties als die van belanghebbenden niet wil terugkomen op reeds onherroepelijk vaststaande aanslagen. De Belastingdienst had het vereiste van rechtszekerheid niet geschonden.

Bekocht
Dat de belastingplichtigen zich bekocht zullen voelen is duidelijk. Het dwingt belastingplichtigen die niet willen dat hen iets soortgelijks overkomt om hun aanslagen zo lang mogelijk ‘open’ te houden (dus steeds maar weer bezwaar en beroep indienen). Want als de rechter iets nieuws beslist dan kan de ondernemer daar wel een beroep op doen als de aanslag nog niet onherroepelijk vaststaat.

Vergeet in ieder geval niet om bij het sluiten van een fiscale overeenkomst (bijvoorbeeld een fiscaal compromis) daarin uitdrukkelijk op te nemen dat als de rechter in soortgelijke gevallen een voor u gunstige beslissing neemt, dit recht geeft op een – zo nodig bij de rechter af te dwingen – tegemoetkoming. En zorg er in ieder geval voor om in andere twijfelgevallen (bijvoorbeeld de recente ontwikkelingen op het gebied van de btw) om aanslagen langdurig open te houden, zo nodig onder verwijzing naar lopende rechtspraak.

mr. S.F.J.J. Schenk, directeur adviesgroep Fiscale Zaken van de GIBO Groep en voorzitter van de Nederlandse Federatie van Belastingadviseurs

Lees ook Zoekresultaten op Agrocount.nl met trefwoord ‘vaststaan’

Meer informatie Nationale ombudsman.nl, Rapport 2008/0137

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.