Home

Achtergrond 133 x bekeken

Nederland ontvangt €1,1 miljard voor GLB

Van het totale EU-budget van €50 miljard gaat 40% (in 1990 nog 80%) naar het Gemeenschapppelijk Landbouwbeleid (GLB). Daarvan gaat weer €1,1 miljard naar Nederland met €322 miljoen voor markt en prijsbeleid, €800 miljoen voor inkomenssteun en €18 miljoen voor plattelandsbeleid. Aldus blijkt uit de toelichting bij de openbaarmaking van de uitbetaalde GLB-subsidies in het EU-boekjaar 2007 (16 oktober tot 15 oktober 2007), dat ook uitsplitsingen naar sectoren en teelten geeft.

Eerste pijler
De eerste pijler van het GLB betreft de uitgaven voor inkomenssteun, exportsubsidies en productiesteun. Binnen de eerste pijler worden sinds 2003 de gelden geleidelijk verschoven van productiesteun en exportsubsidies naar ontkoppelde inkomenssteun. Voor Nederland is de verdeling nu achtereenvolgens €322 miljoen en €800 miljoen.

Voor aardappelzetmeel en slachtpremies bestaat de productiesteun nog omdat men vreesde voor het verdwijnen van de bijbehorende productie. Bij gekoppelde inkomenssteun is de steun nog verbonden met grond waarop geproduceerd wordt, maar niet meer afhankelijk van de hoeveelheden product. Bij ontkoppelde inkomenssteun ontvangen de boeren een bedrijfstoeslag ongeacht wat ze produceren. Daarmee is de steun niet meer marktverstorend. Per 2006 kwam in Nederland de cross compliance. Deze verbindt de steun aan een bedrijf aan maatschappelijke randvoorwaarden en het correct naleven van de regels.

Tweede pijler
De tweede pijler betreft algemeen plattelandsbeleid, waar in de loop van de jaren steeds meer geld naartoe moet ten koste van de eerste pijler. In het boekjaar 2007 ontvangt Nederland voor de tweede pijler slechts €18 miljoen. In 2006 was dat nog €77 miljoen en in 2005 €64 miljoen. De scheve verdeling hangt samen met de cycli van 5 jaar. In 2007 begon de volgende cyclus, terwijl de plannen voor de uitgaven nog niet klaar waren.

De plannen worden vervat in het plattelandsontwikkelingsprogramma (POP). Het geld ging in 2006 vooral naar milieumaatregelen. Andere genoemde doelen zijn opleiding, probleemgebieden, bedrijfsontwikkeling door jonge agrariërs, verbetering afzet en verwerking van landbouwproducten, bosbouw, bevordering van de aanpassing en de ontwikkeling van plattelandsgebieden en overige plattelandsontwikkelingsmaatregelen in het kader van het EOGFL (afdeling garantie).

Daling
De totale GLB-ontvangsten voor Nederland van €1,1 miljard in 2007 zijn 18% minder dan in 2005. Vooral de uitgaven aan marktmaatregelen voor zuivel en akkerbouw daalden flink, allebei rond de 50%. De ontkoppeling raakte vooral de akkerbouw, die 90% minder ontving in deze vorm. Nu komt die steun terecht bij agrariërs die eerder steun ontvingen voor productie van akkerbouwproducten. Deze bedrijfstoeslagen kunnen nu dus terechtkomen bij agrariërs die geen akkerbouwer meer zijn. De cijfers zijn niet meer automatisch bekend, omdat ontvangers hun areaal of productie niet meer hoeven op te geven.

De geldbedragen in de toelichtingen per sector gelden telkens voor Nederland.

Akkerbouw
De uitgaven voor marktmaatregelen halveerden van 2005 naar 2007 tot €76 miljoen. Dit komt onder meer door verkleining van het suikerquotum en door betere prijzen op de wereldmarkt, zodat lagere exportrestituties konden volstaan. Overigens bleef de suikerbietenteelt een van de grootste ontvangers binnen de marktmaatregelen. Andere teelten in deze groep zijn granen, rijst, voedergewassen, zaaddragende leguminosen, vezelvlas, hennen en wijnbouw.

In 2007 werd nog €23 miljoen directe (gekoppelde) inkomenssteun betaald aan akkerbouwers tegen €230 miljoen in 2005, wat dus een ontkoppeling is van 90%. Van de €23 miljoen ging €21 miljoen naar de telers van zetmeelaardappelen. De rest ging naar granen, oliehoudende zaden, eiwithoudende zaden, kuilgras, eiwithoudende gewassen, energiegewassen, gedroogde gewassen (overgangsregeling) en zaaizaad. Het totaal aan marktmaatregelen en inkomenssteun werd €99 miljoen.

Tuinbouw
De Nederlandse tuinbouw ontving in 2007 €68 miljoen voor marktmaatregelen tegen €74 miljoen in 2005. De inkomenssteun, al of niet gekoppeld, leverde €10.000 op in zowel 2007 als 2005. De bedragen zijn relatief laag omdat groenten en fruit voornamelijk binnen de Europese Unie wordt afgezet. Overigens zijn de restituties en interventies voor verse producten voor de komende jaren afgeschaft.

De steun in het kader van de marktordening voor groenten en fruit bestaat in Nederland eigenlijk vooral uit steun aan telersverenigingen. Zij ontvingen dan ook €67 miljoen. Zij hebben tot doel de marktpositie voor de groente- en fruitsector te verbeteren. Het ontvangen geld gebruiken zij voor bevordering van kwaliteit, milieuvriendelijke teelten en afzet te verbeteren. Telersverenigingen mogen maximaal 4,1% van hun omzet aan EU- steun ontvangen en moeten daarbij gelijke bedragen uit eigen middelen bijdragen.

Veehouderij (exclusief zuivel)
Ten opzichte van 2005 namen de uitgaven voor marktmaatregelen af met 24% tot €13 miljoen. De sterke daling voor restituties komt door goede prijzen op de interne markt en door de ziekte blauwtong. Voor eieren in de schaal zijn de restituties afgeschaft. Bij varkens waren er alleen restituties voor vleesbereidingen. Voor vers en bevroren vlees gelden pas aan het einde van het boekjaar 2007 weer restituties.

De directe inkomenssteun daalt van €192 miljoen in 2005 naar €98 miljoen in 2007. Dit komt door de ontkoppeling in 2006 van de ooipremie, zoogkoeienpremie, speciale premie en het extensiveringsbedrag. De koppeling is gebleven voor slachtpremies van zowel kalveren als volwassen runderen, die samen de €98 miljoen in beslag namen, afgezien van nakomende betalingen van de opgeheven regelingen.

Zuivel
De marktmaatregelen voor zuivel vroegen nog maar €164 miljoen in 2007 tegen €398 miljoen 2 jaar eerder door de toenemende vraag op de interne markt en gunstige prijzen op de wereldmarkt. Sinds 15 juni 2007 staan de restituties voor alle zuivelproducten op €0. Bijzonder was dat over het melkquotumjaar 2005-‘06 geen superheffing betaald hoefde te worden.

De inkomenssteun nam juist toe als gevolg van de hervormingsafspraken met 187% naar €377 miljoen. De interventieprijzen werden verlaagd en als compensatie kwam de melkpremie, die in 2007 haar hoogste punt bereikte met 3,5 cent per kilo melkquotum tegen 2,37 cent in 2006. Het totale zuivelbudget veranderde van €529 miljoen in 2005 naar €540 miljoen in 2007.

Lees ook Zoekresultaten op Agrocount.nl met trefwoord ‘GLB’

Meer informatie LNV, 1 juli 2008: Toelichting op de betalingen in het kader van het GLB in het boekjaar 2007 (14 pagina’s)

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.