Home

Achtergrond 412 x bekeken

Uitbreiding landbouwvrijstelling smaakt naar meer

Het Besluit voor de glastuinders die hun kassen omzetten in gewone agrarische grond (27 mei 2008, CPP2008/830M, Stcrt. Nr. 107) valt toe te juichen. Het is echter vrij beperkt en biedt voor lang niet alle gevallen een oplossing. Kortom: het smaakt naar meer. Mr. S.F.J.J. Schenk plaatst kanttekeningen bij dit besluit.

Uitbreiding landbouwvrijstelling
Bij besluit van 27 mei 2008 werd de landbouwvrijstelling feitelijk een beetje uitgebreid. Het verschijnen van het Besluit werd door de redactie van Agrocount gemeld op 10 juni (Woningen voor kassen: besluit over belasting,10 juni 2008). Vervolgens ging Mr. P.L.F. Seegers verder in op de inhoud en gevolgen van het besluit. In deze bijdrage wordt ingegaan op nog openstaande problemen en de mogelijke uitstralingseffecten van deze goedkeuring.

Beperkingen
Het voorliggende besluit is enkel van toepassing op de problemen die zich voordoen als tuinders gebruikmaken van de regeling ‘Ruimte voor ruimte’, bij velen beter bekend onder de benaming ‘Rood-voor-Rood’. Op zich kan daar begrip voor op gebracht worden, omdat de problematiek juist daar – als gevolg van het waardeverschil tussen ‘tuinbouwlandbouwgrond’ en ‘gewone’ landbouwgrond - (weiland- of akkerbouwgrond) het grootst is.

De problematiek doet zich echter ook voor bij andere ondernemers in de agrarische sector die aan de regeling wensen deel te nemen . Ook in die gevallen vindt bij deelname aan de regeling in veel gevallen een in beginsel niet-aftrekbaar waardeverlies op de (onder)grond plaats . Deze grond valt immers onder de werking van de landbouwvrijstelling, terwijl het daartegenover staande voordeel (het bouwrecht) – althans naar de mening van de Belastingdienst - wel in de heffing betrokken moet worden.

Naar mijn mening is het op zijn minst verdedigbaar dat dit besluit van overeenkomstige toepassing is op andere agrarische sectoren (bijvoorbeeld met een beroep op het gelijkheidsbeginsel). Het zou echter (nog) veel plezieriger zijn als de staatssecretaris dit uitdrukkelijk zou willen toezeggen. De grootste kluif is inmiddels uitgedeeld. Waarom dan nog moeilijk doen over de kleinere kluifjes?

Landbouwvrijstelling
In vervolg op dit Besluit kan men zich afvragen of niet in alle gevallen waarin een niet-aftrekbaar verlies op landbouwgrond wordt geleden, in ruil waarvoor een (belaste) bate wordt ontvangen, het zo moet zijn dat verlies en bate – opnieuw met een beroep op een redelijke wetstoepassing – gesaldeerd mag worden. Waarin verschilt de nu geregelde situatie van andere gevallen waarin een niet-aftrekbaar verlies gerealiseerd wordt?

Het lijkt er sterk op dat het onderhavige Besluit enkel is genomen onder druk van direct belanghebbenden (gemeenten, provincies) omdat er anders wel erg weinig belangstelling was om aan de regeling deel te nemen. Opportunisme is op zich geen vies woord, maar dit besluit is geen voorbeeld van consistent beleid. En ook hier ben ik benieuwd naar de gevolgen van een beroep op het gelijkheidsbeginsel. Want zo heel erg veel verschilt de nu geregelde situatie niet van tal van andere gevallen.

Bouwrecht belast
De staatssecretaris is van mening (punt 2; Beschouwing, slot) dat ‘het bouwrecht een vergoeding in natura vormt en in de belastingheffing dient te worden betrokken’. Recente rechtspraak wijst inderdaad in deze richting, al heeft de Hoge Raad er zich nog niet over uitgelaten. De kans dat deze lagere rechtspraak in cassatie overeind blijft, lijkt mij eerlijk gezegd vrij groot, maar een definitief oordeel op het hoogste niveau zou toch plezierig zijn. Is dat echter onverhoopt niet zo, dan komen de kaarten anders te liggen. Er is echter meer.

Splitsen koopsom
Het Besluit geeft uitdrukkelijk aan dat de waarde van het bouwrecht een vergoeding is die onder de werking van de landbouwvrijstelling kan worden gebracht ‘voor zover de waarde van het bouwrecht een tegemoetkoming is voor de waardedaling van de bedoelde grond’. Voor zover de vergoeding betrekking heeft op andere zaken (sloopkosten bijvoorbeeld) is zij belast, wat niet onlogisch is indien en voor zover deze sloopkosten in beginsel aftrekbaar zijn. Maar hiermee haalt de wetgever wel splitsings- en afbakeningsproblemen in huis. Vergeet als deelnemer aan de RvR-regeling dus niet in uw overeenkomst met de overheid op te nemen, waarvoor en tot welk bedrag het verkregen bouwrecht een vergoeding beoogt te zijn!

Terugwerkende kracht
Tot slot. In de uitwerking is dit mooie besluit wat aan de zuinige kant. Het werkt namelijk slechts terug tot 27 mei 2008. Verdere terugwerkende kracht is er niet bij. Dat heeft als gevolg dat dit besluit dus niet werkt niet voor oude gevallen. Wie in het verleden meedeed en tegen een niet-aftrekbaar waardeverlies van gronden aanliep in combinatie met een belaste bate, heeft het nakijken. Alstublieft, meneer de Jager en mevrouw Thunnissen, wilt u daar nog eens naar kijken en voor die gevallen met de hand over het hart strijken? Dank u wel.

mr. S.F.J.J. Schenk, directeur adviesgroep Fiscale Zaken van de GIBO Groep en voorzitter van de Nederlandse Federatie van Belastingadviseurs

Lees ook Toepassing landbouwvrijstelling uitgebreid (Mr. P.L.F. Seegers)

Meer informatie Ministerie van Financiën, 27 mei 2008: Inkomstenbelasting. Winst: landbouwproblematiek. Besluit 27-05-2008, nr. CPP08-830.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.