Home

Achtergrond 65 x bekeken

Pond en olie breken bedenkelijke records

Het is nu al een jaar van records. Het Britse pond sterling en de Amerikaanse dollar bereikten deze week nieuwe dieptepunten ten opzichte van de euro.

Een pond sterling is nu minder dan € 1,25 euro waard, terwijl men voor een euro bijna $ 1,59 krijgt.
De waardevermindering van de Britse munteenheid springt het meest in het oog. Sinds januari is het pond sterling 9 procent ge­daald. Het pond sterling staat vol­gens analisten vooral onder druk omdat de Britse centrale bank de basisrente met 25 basispunten verlaagde tot 5 procent. Lenen wordt goedkoper en dus daalt de waarde van de munt.
Goed voor Britse exporteurs, maar minder voor Nederlandse bedrijven die voor een totaal aan 400 miljoen euro aan agrarische producten naar het eiland ver­schepen. Vooral veel vlees en slachtafval steekt de Noordzee over. Exporteurs kunnen weinig verwachten van de Europese Centrale Bank, die gisteren de rente gelijk hield op 4 procent.

De olieprijs is naast de wissel­koers van de euro een "duidelijk element van zorg", aldus rappor­teurs van het Internationaal Mo­netair Fonds. Deze week steeg de prijs van een vat van 159 liter naar een nieuwe recordprijs van 112 dollar (70 euro). Volkomen onverwacht maakte het Ameri­kaanse ministerie van energie bekend dat de voorraden geslon­ken zijn met 3,1 miljoen vaten. Bij elkaar is de olie in de laatste twaalf maanden 80 procent duur­der geworden.

De kredietcrisis blijft volgens het IMF tevens een probleem. De totale schade wordt beraamd op bijna een biljoen euro. Investe­ringsbanken zien bovendien veel minder vraag naar hun diensten.
De fusie of overname-markt ligt daarmee deels stil. Minder be­drijven benaderden de bankiers met de vraag te assisteren. In het eerste kwartaal van 2007 werd 2,7 miljard euro betaald door durfka­pitalisten, nu is dit nog slechts een kwart.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.