Home

Achtergrond 174 x bekeken 1 reactie

Nedalco aarzelt over bouw bio-ethanolfabriek

Alcoholproducent Nedalco heeft de plannen voor een bio-ethanolfabriek in Sas van Gent nog niet definitief afgeblazen.

Maar Nedalco investeert alleen in bio-ethanol van de tweede generatie als aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Dat zegt Mark Woldberg, manager Business Development van Nedalco. Het concern, een dochterbedrijf van coöperatie Cosun, wil in Sas van Gent een fabriek bouwen waar bio-ethanol wordt geproduceerd uit cellulose, dat afkomstig is uit restproducten van de graanverwerking. De restproducten komen van Cargill, dat een vestiging heeft in Sas van Gent.

Nedalco heeft grote aarzeling de investering van meer dan 150 miljoen euro door te zetten, zegt Woldberg. "De productie van bio-ethanol van de tweede generatie is duurder dan wanneer een eerste generatie grondstof zoals suiker wordt gebruikt. Bovendien is ons productieproces nog nooit op deze schaal toegepast en is dus minder bedrijfszeker."

Nedalco wil dat aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Woldberg: "Het helpt als de overheid de tweede generatie biobrandstoffen voorrang zou geven bij de bijmengverplichting van biobrandstoffen met fossiele brandstoffen. Ook een accijnsvrijstelling geeft biobrandstoffen van de tweede generatie een voordeel in de afzetmarkt."

Daarnaast importeert Nederland goedkopere bio-ethanol uit Brazilië. Woldberg: "Bovendien is tarwe momenteel duur, waardoor ook de reststromen die wij verwerken ook iets duurder zijn." Nu de investering in Nederland onzeker is, kijkt Nedalco ook naar het buitenland. Woldberg: "Sas van Gent heeft onze voorkeur. Daar staat onze alcoholfabriek en we hebben ruimte voor de bio-ethanolfabriek. Bovendien is daar de grondstof voorhanden. En we hebben hier connecties met de wetenschappelijke wereld. Maar als het hier niet kan, dan kijken we buiten Nederland."

Eén reactie

  • no-profile-image

    Joep Hermans

    Nedalco moet niet zeuren. en zeker niet pleiten voor het accijns vrijmaken van de zogenaamde tweede generatie biobrandstoffen. Als er ergens een stofwolk omeenhangt is het wel deze term, 2e generatie. Er is maar een criterium wat écht belangrijk is, en waarvoor accijnsvrijstelling zou moeten worden gegeven. En dat is de mate van bewezen CO2 reductie en energie-efficiency van een alternatieve tractiebrandstof. Relateer daar de vrijstelling of verplichte afzetbevordering aan. Je wordt ondertussen doodziek van allerlei profeten die roepen dat ze een superieure 2e, 3e of 4e generatie brandstof hebben uitgevonden.
    Bewijzen worden niet geleverd, wel enorme bedragen innovatie subsidie afgetroggeld van de overheid die zich een rad voor de ogen laat draaien.

Of registreer je om te kunnen reageren.