Home

Achtergrond 271 x bekeken

Geen voorzienbaar voordeel bij aan- en verkoop van grond

Als landbouwgrond binnen een korte periode met een grote winst aan- en verkocht wordt, roept dit een grote belangstelling op van de fiscus. Zeker als het warmliggende grond betreft. Vindt de aan- en verkoop plaats binnen een onderneming, dan is het behaalde voordeel – met uitzondering van de landbouwvrijstelling – belast. Vindt de aan- en verkoop echter plaats buiten een ondernemingsverband, dan is het maar de vraag of het voordeel belast is.

Of er bij de aan- en verkoop van grond al dan niet sprake is van resultaat uit overige werkzaamheid (ROW) is vaak niet zonneklaar te zeggen. Dit blijkt maar weer eens uit een recente uitspraak van het hof in Arnhem. Het hof oordeelde dat er in dit geval geen sprake is van een belast voordeel.

De aan het hof in Arnhem voorgelegde zaak is kort samengevat de volgende:

In april 2001 bereiken verkoper A en koper B overeenstemming over de koop van een aantal hectaren grond. De koopovereenkomst is gedateerd op 15 juni 2001. Op 31 juli 2001 verkoopt de heer B de grond door aan projectontwikkelaar E BV met een forse winst. Het perceel grond heeft een agrarische bestemming, maar ligt in een zogenoemd stedelijk uitloopgebied.

De inspecteur belast de door de heer B bij de verkoop van de grond behaalde winst als resultaat uit overige werkzaamheden. De heer B brengt de zaak voor de rechter. De rechtbank van Arnhem verklaart het beroep van belanghebbende, de heer B, gegrond en beslist dat de boekwinst die hij in 2001 behaalde, niet belast is in box 1. De inspecteur stelt vervolgens hoger beroep in.

Om het voordeel dat belanghebbende heeft behaald met de aankoop en daaropvolgende verkoop van de grond aan te merken als resultaat uit overige werkzaamheden, is onder meer vereist dat het voordeel voorzienbaar was toen belanghebbende de transactie aanging, aldus het hof van Arnhem. Hiertoe moet worden getoetst of belanghebbende de grond heeft gekocht voor een prijs beneden de waarde in het economische verkeer. Dat is door de inspecteur niet aannemelijk gemaakt.

Dat de prijzen van grond in het desbetreffende gebied in die periode snel stegen, bestempelt de daarmee behaalde voordelen nog niet tot resultaat uit overige werkzaamheden. Het hof in Arnhem verklaart het hoger beroep ongegrond. De heer B hoeft de opgelegde belasting niet te betalen.

Mr. P.L.F. Seegers (voorzitter Platform landbouwnormen, werkzaam bij Belastingdienst Oost). Geschreven op persoonlijke titel

Lees ook Zoekresultaten op Agrocount.nl met trefwoorden ‘verkoop grond’

Meer informatie Uitspraak hof Arnhem, 10 maart 2008

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.