Home

Achtergrond 1152 x bekeken

Landbouwvrijstelling vereist eigen gebruik

De landbouwvrijstelling in de inkomsten- en vennootschapsbelasting stelt waardeontwikkelingen van landbouwgrond vrij. Een van de vereisten om voor de vrijstelling in aanmerking te komen is dat de grond in het eigen landbouwbedrijf gebruikt wordt. Wordt de grond door een andere ondernemer gebruikt dan geldt de landbouwvrijstelling niet. De Hoge Raad bevestigde onlangs weer eens deze hoofdregel voor de toepassing van de landbouwvrijstelling.

Uit deze uitspraak blijkt weer eens zonneklaar dat de werking van de landbouwvrijstelling aan voorwaarden onderworpen is. Als de agrariër landbouwgrond verpacht aan derden en niet in het eigen landbouwbedrijf gebruikt, mist de vrijstelling toepassing.

Hij kan de belastingheffing echter vaak voorkomen. Als de onderneming in de inkomstenbelasting gedreven wordt, is het de overweging waard om de grond op het moment van eerste verpachting over te boeken naar het privé-vermogen. Wordt de onderneming in de bv-vorm gedreven dan kan de grond overgedragen worden naar de directeur-grootaandeelhouder. De waardestijging van de (verpachte) grond vindt dan vervolgens in privé plaats en wordt niet belast als winst.

Het door de Hoge Raad berechte geval was als volgt:

Een bv met een gevoegde dochter-bv die een bloemenkwekerij exploiteert, verkreeg in 1990 een perceel weiland in eigendom. Zij stelde deze grond in de periode 1991-1997 tegen vergoeding aan een veehouder ter beschikking. Van 1997 tot begin 2000 verpachtte belanghebbende de grond tegen vergoeding aan een grasteler. Deze verrichtte zelf alle werkzaamheden aan de grasteelt. Hij gebruikte daarvoor zijn eigen werktuigen. Op 16 juni 2000 is de grond verkocht aan een tuinder. Belanghebbende maakt voor de vervreemdingswinst aanspraak op de landbouwvrijstelling.

Het hof in Arnhem honoreerde die aanspraak echter niet. Dit omdat het weiland volgens het hof niet is aangewend binnen het door belanghebbende uitgeoefende landbouwbedrijf. De Hoge Raad sluit zich hierbij aan. Het cassatieberoep van belanghebbende faalt.

De uitspraak van de Hoge Raad is te vinden op Rechtspraak.nl. Dit is niet het geval voor de uitspraak van het hof in Arnhem op 23 januari 2007, nr. 04/00592 en het beroepschrift in cassatie HR nr. 43.731.

Mr. P.L.F. Seegers (voorzitter Platform landbouwnormen, werkzaam bij Belastingdienst Oost). Geschreven op persoonlijke titel.

Lees ook Zoekresultaten op Agrocount.nl met trefwoord ‘landbouwvrijstelling’

Meer informatie Uitspraak Hoge Raad, 1 februari 2008

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.