Home

Achtergrond 129 x bekeken

Ruim kwart pootgoed Noorden in klasse verlaagd

Op de Noordelijke kleigronden is tot en met deze week 29,4 procent van de pootgoedpartijen in klasse verlaagd.

Op de Noordelijke zandgronden is dat 26,3 procent. In de regio Midden komt dat percentage op 16,4 procent. In het Zuiden is 13,9 procent van de pootgoedpartijen bij de nacontrole in klasse verlaagd.

Henk van de Haar, specialist keuringsbeleid bij de keuringsdienst NAK, ziet een relatie met de primaire virusaantastingen tijdens de veldkeuring. "In het Noorden zijn meer pootgoedpercelen tijdens de veldkeuring in klasse verlaagd. In het Midden en Zuiden was dat veel lager. Of deze relatie ook op perceelsniveau is te zien, moeten we nog uitzoeken. We hebben nog geen éénduidige verklaring voor de oorzaak van het grote aantal klasseverlagingen in het Noorden."

Van de Haar constateert verder dat het aantal klasseverlagingen in de hoogste klassen S en SE vanaf 2003 gestaag oploopt. "Voor de klasse S ligt dat nu iets boven de 25 procent. In 2003 was dat nog 10 procent. In de pootgoedklasse SE is het aantal klasseverlagingen gestegen van ongeveer 8 procent in 2003 naar 22 procent dit jaar. De lagere klassen blijven door de jaren heen op een redelijk stabiel niveau."

De oorzaak ligt in het besmettingsniveau in de percelen. Van de Haar: "Ook dit jaar waren veel percelen tot aan het eind van de keuring niet virusvrij. Daarnaast is veel S en SE-pootgoed laat doodgemaakt. Ook kan het liggen aan de selecteercapaciteit. De pootgoedbedrijven worden immers steeds groter."

Van de Haar vindt het grote aantal klasseverlagingen in de S en SE geen goed startpunt voor het volgende teeltseizoen. "Er staan in 2009 weer virusplanten in de percelen. Als we een keer weinig luizen zien, kan het beeld sterk verbeteren. Maar nog een jaar met vroege luizenactiviteit zou slecht nieuws zijn."

Het aantal klasseverlagingen in de S en SE-klassen is geen record. Van de Haar: "Het jaar 1992 sloeg alle records."

Of registreer je om te kunnen reageren.