Home

Achtergrond 96 x bekeken

Het noodplan van JP: een ‘liquiditeitsimpuls’

Minister-president Jan Peter Balkenende presenteerde op vrijdag 21 november 2008 een noodplan voor de redding van de nationale economie ter grootte van 6 miljard euro. Eerder al werden grote bedragen in banken en verzekeraars gepompt (ING, AEGON en SNS) maar dit keer heeft de overheid vooral de ‘echte’ (maak)industrie op het oog. De minister-president sprak over een ‘liquiditeitsimpuls’. Ook andere landen van de EU nemen dit soort maatregelen, meestal voor een bedrag gelijk aan 1 procent van bruto binnenlands product. Welke maatregelen zijn er nu eigenlijk te verwachten?

Inhoud noodplan
Het noodplan lijkt uit maar liefst vier onderdelen te bestaan. De belangrijkste ingreep is de vervroegde afschrijving, een faciliteit die we in de inkomsten- en in de vennootschapsbelasting al langer kennen, bijvoorbeeld voor startende ondernemers en voor investeringen in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen (de in de landbouw zo bekende VAMIL). Door de hogere post afschrijvingskosten is er minder winst. Er hoeft dan minder belasting betaald te worden, zodat bedrijven kunnen overleven en misschien zelfs extra investeren.

Voor welke investeringen de maatregel geldt (alle lopende bedrijfsmiddelen, alleen nieuwe of enkel bedrijfsmiddelen van en bepaalde soort) is nog niet helemaal duidelijk. De maatregel oogt heel plezierig maar bedenk wel dat de ondernemer alleen maar wat heeft aan een extra afschrijvingspost als hij winst maakt. Wie in de verliezen zit, kan een extra aftrekpost zonder problemen missen. Bedrijven die nu al met verlies draaien (of dat zullen gaan doen) hebben weinig aan deze maatregel. Hooguit kan de ondernemer in dat geval door middel van verliescompensatie nog een bedrag aan eerder betaalde belasting terughalen.

En de landbouw?
De landbouw profiteert (afhankelijk van de concrete invulling van het voorstel) maar in bescheiden mate van dit voorstel. Immers, de meeste stallen, kassen en installaties die hier gebruikt worden zijn ´groen´, en staan daarmee open voor de toepassing van de VAMIL. Ook starters (bedrijfsovernemers) kunnen nu al vrij afschrijven. Al met al weinig reden tot juichen dus.

Werktijdverkorting
De tweede maatregel is de mogelijkheid om werktijdverkorting aan te vragen als er voor de werknemers tijdelijk geen werk is. De werknemer behoudt zijn baan, maar voor de uren dat hij werkloos thuis zit, ontvangt hij of zij een WW-uitkering. De voorwaarden waaronder een en ander gaat gebeuren worden op korte termijn bekend gemaakt. Ook gaan ‘Mobiliteitscentra’ (wat was er mis met de oude benaming arbeidsbureau?) ontslagen werknemers snel aan ander werk helpen. Als dat er is natuurlijk. Voor de agrarische sector is deze maatregel minder belangrijk, omdat er betrekkelijk weinig met werknemers (op vaste contracten) gewerkt wordt.

Geld moet rollen
Onder het motto geld moet rollen beloofde de heer Balkenende als derde dat de overheid rekeningen sneller gaat betalen. Ook dit geeft bedrijven lucht. Als vierde van de rij maatregelen zal haast worden gemaakt met wegenbouw- en woningbouwprojecten. De kans dat gronden eerder bij de boer worden weggehaald, is daarmee niet denkbeeldig.

Conclusie
Zes miljard is veel geld, maar de Nederlandse boer zal er maar in zeer bescheiden mate van profiteren. Het wachten is dus nog steeds op een agrarisch noodplan. We zijn benieuwd wat we van de tandem De Jager en Verburg in dat opzicht nog mogen verwachten! Het kan daarbij geen kwaad als de sector zelf met wat leuke ideetjes komt!

mr. S.F.J.J. Schenk, directeur adviesgroep Fiscale Zaken van de GIBO Groep en voorzitter van de Nederlandse Federatie van Belastingadviseurs

Lees ook Hoogleraar voorspelt landbouwcrisis

Meer informatie Ministerie van Algemene Zaken (met t.z.t. het ‘Noodplan’ van 21 november 2008)

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.