Home

Achtergrond 106 x bekeken

Amsterdam geeft cursus aan klanten voedselbank

Mensen in Amsterdam die gebruik maken van pakketten van de voedselbank, krijgen vanaf januari van de gemeente een cursus aangeboden om te leren omgaan met geld.

Dat zei verantwoordelijk wethouder Freek Ossel donderdag tijdens een conferentie over armoede in het Amsterdamse stadsdeel Slotervaart.

De gemeente wil daarnaast meer bevoegdheden krijgen om in te grijpen bij mensen met schulden, om te voorkomen dat zij vaste klant van de voedselbank worden. Daartoe doet Ossel nog dit jaar een voorstel aan staatssecretaris Ahmed Aboutaleb (Sociale Zaken), om de bestaande wetgeving aan te passen.

De maatregelen zijn volgens de wethouder nodig omdat hulp bij budgetbeheer soms te vrijblijvend of te bureaucratisch is geregeld, waardoor mensen hun leven structureel niet op de rails krijgen. "In Amsterdam ontstaat steeds meer een kern van mensen die opgroeien in een cultuur van armoede'', aldus Ossel.

Stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch (PvdA) van Slotervaart is een tegenstander van de hulp via voedselbanken. "Het grootste probleem bij gezinnen in armoede is dat het gebruik van armoedepotjes doorwerkt op de kinderen. Dat is ook het probleem van de voedselbanken. Het is prachtig als mensen elkaar helpen, maar gezinnen passen zich aan op gratis uitgaven in plaats van op eigen inkomen.''

Volgens Ossel is het doel om de voedselbanken overbodig te maken met de nieuwe plannen niet uit beeld. "Maar wij kunnen de voedselbanken niet afschaffen, dat kunnen mensen alleen zelf doen. We moeten als gemeente wel proberen mensen langs allerlei wegen de benodigde hulp te bieden. Het is gewoon de praktijk dat de voedselbanken er zijn.''

Bijna achthonderd huishoudens maken in de hoofdstad gebruik van voedselbanken, die in bijna elk stadsdeel te vinden zijn (niet in Slotervaart). Dat aantal klanten is al enige tijd stabiel. De voedselbankklanten zijn ongeveer 1 procent van het totale aantal Amsterdamse huishoudens dat in armoede leeft.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.