Home

Achtergrond 172 x bekeken

Beleidsbesluit btw en DGA na jurisprudentie EG-hof, de eenmalige eindafrekening

Het baanbrekende arrest (Van der Steen) van het EG-hof over de DGA en btw heeft tot gevolg dat een DGA-ondernemer vanaf 18 oktober 2007 niet langer als ondernemer kan worden aangemerkt. Om de ingrijpende gevolgen van het arrest te regelen heeft het ministerie van Financiën een beleidsbesluit uitgebracht. In het besluit is een overgangregeling opgenomen voor de bedrijfsmiddelen die in de DGA-onderneming aanwezig waren, waarvoor btw in het verleden is teruggevraagd. Dit tweede artikel over het besluit behandelt deze eenmalige eindafrekening. Goedgekeurd is dat voor de correctie mag worden uitgegaan dat het goed per 1 januari 2008 is overgegaan. Omdat de goederen in privé overgaan, zal er geen jaarlijkse correctie voor privé-gebruik van die goederen meer plaatsvinden.

Het beleidsbesluit maakt onderscheid naar vijf situaties:

  • 1. een DGA was opgenomen als zelfstandig ondernemer;
  • 2. de DGA-ondernemer maakte onderdeel uit van een fiscale eenheid met één vennootschap waarvoor een beschikking is afgegeven;
  • 3. de DGA-ondernemer handelde op grond van een eerder beleidsbesluit als ware hij onderdeel van een fiscale eenheid met een vennootschap;
  • 4. de DGA-ondernemer maakte onderdeel uit van een fiscale eenheid met meer vennootschappen waarvoor een beschikking is afgegeven;
  • 5. de DGA-ondernemer handelde op grond van een eerder beleidsbesluit als ware hij onderdeel van een fiscale eenheid met meerdere vennootschappen.
Voor situatie 1 heeft de staatssecretaris goedgekeurd dat goederen die bedrijfsmatig worden gebruikt en die door de DGA voor de btw-heffing zakelijk waren geëtiketteerd, na 17 oktober 2007 maar vóór 1 april 2008 zonder btw-heffing kunnen worden doorgeleverd aan de vennootschap. De vennootschap zal in de toekomst eventueel een correctie voor privé-gebruik van die goederen door de DGA in aanmerking moeten nemen.

Voor de correctie privé-gebruik auto die tot 18 oktober 2007 bij de DGA-ondernemer in eigendom was en mede voor privé van de DGA werd gebruikt, keurt de staatssecretaris goed dat de correctie wordt berekend in de verhouding 290 dagen / 365 dagen. (De correctie wordt dan 79% x 12% x 22% van de cataloguswaarde).

Voor de situatie 2 en 3 keurt de staatssecretaris goed dat de fiscale gevolgen dezelfde zijn als in situatie 1. In deze situaties houdt de fiscale eenheid op te bestaan. Gewoonlijk moet een ontbinding van een fiscale eenheid worden gemeld bij de inspecteur. Dit is in verband met de afbakening van de hoofdelijke aansprakelijkheid van btw-schulden van de fiscale eenheid. Het besluit geeft aan dat in dit bijzondere geval de melding achterwege mag blijven als de Belastingdienst voor die fiscale eenheid een beschikking heeft afgegeven.

In de situatie waarin sprake is van een fiscale eenheid met meer vennootschappen (situaties 4 en 5) blijft de fiscale eenheid bestaan, maar vindt er met ingang van 18 oktober 2007 een wijziging van de fiscale eenheid plaats omdat de DGA zijn ondernemersstatus verliest. Goederen die bij de wijziging van de fiscale eenheid in privé naar de DGA overgaan, worden aangemerkt als levering. Voor die levering geldt in beginsel als vergoeding de aankoopprijs of kostprijs van de goederen op moment van levering (18 oktober 2007). De staatssecretaris keurt echter goed dat voor de btw-heffing wordt aangesloten bij de resterende herzieningsperiode van de (on-)roerende goederen.

Voor het geval goederen achterblijven in het vermogen van de fiscale eenheid zal een correctie voor privé-gebruik van die goederen door de DGA in aanmerking moeten worden genomen. De staatssecretaris keurt hier eveneens goed dat voor het privé-gebruik van de auto wordt aangesloten bij de al eerder genoemde verhouding 290 dagen / 365 dagen.

De afrekening kan in bepaalde gevallen tot aanzienlijke financiële gevolgen leiden. Te denken valt daarbij aan de aanschaf van een woning ten behoeve van de DGA waarbij er voorbelasting in aftrek is gebracht en er nog herzieningsjaren resteren. De staatssecretaris heeft voor alle situaties goedgekeurd dat een eventuele correctie plaats moet plaatsvinden in het laatste belastingtijdvak over 2007.

Ten slotte bevat het besluit nog een goedkeuring voor de ondernemersregeling voor bestelauto’s waarvan het kenteken vóór 18 oktober 2007 op naam staat van de DGA. De ondernemersregeling houdt een vrijstelling in voor de BPM vanaf 1 januari 2007 (vóór die datum was er een teruggaafregeling) en de toepassing van het lagere bestelautotarief voor de motorrijtuigenbelasting. Als een DGA als gevolg van het Van der Steen-arrest geen ondernemer meer is, kan de ondernemersregeling worden voortgezet als de DGA de bestelauto op naam doet stellen van een btw-plichtige vennootschap waarvan hij meer de helft van de aandelen bezit of op naam doet stellen van een andere btw-ondernemer. De wijziging van de tenaamstelling moet plaatsvinden binnen 2 maanden nadat de Belastingdienst de DGA heeft laten weten dat hij geen ondernemer meer is, uiterlijk vóór 1 juli 2009.

De staatssecretaris meldt dat de administratieve verwerking nog enige tijd vergt. De Belastingdienst zal alle DGA’s benaderen over hun situatie. Dit zal gebeuren door middel van vragenbrieven in het eerste kwartaal 2008. Mocht de DGA geen vragenbrief ontvangen, dan moet hij de Belastingdienst zelf op de hoogte stellen van de gewijzigde situatie als hij niet langer aangemerkt kan worden als btw-ondernemer. Zolang de Belastingdienst de betreffende wijzigingen nog niet heeft verwerkt, wordt goedgekeurd dat de fiscale verplichtingen kunnen worden voldaan via de reguliere aangifte (van de fiscale eenheid).

Dit is het tweede artikel over het nieuwe beleidsbesluit over de btw en de DGA naar aanleiding van het Van der Steen-arrest van het EG-hof .

Mr. P.L.F. Seegers (voorzitter Platform landbouwnormen, werkzaam bij Belastingdienst Oost). Geschreven op persoonlijke titel.

Lees ook Het eerste artikel over het beleidsbesluit btw en DGA na jurisprudentie EG-hof

Lees ook Directeur-grootaandeelhouder niet altijd ondernemer voor btw

Meer informatie Ministerie van Financien, besluit CPP07-355/06 van 21 december 2007 (publicatie 2 januari 2008): Omzetbelasting, motorrijtuigenbelasting en belasting van personenauto’s en motorrijwielen. Directeur-grootaandeelhouder en gevolgen Van der Steen arrest Hof van Justitie, zaak C-355/06.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.