Home

Achtergrond 79 x bekeken

Voorwaarden voor vergunningaanvraag activiteit Natura 2000 gebied

De aard van de activiteit, de verzachtende maatregelen of dwingende redenen van openbaar belang zijn doorslaggevend voor het verlenen van een vergunning voor activiteiten in een Natura 2000 gebied. Dat schrijft minister Verburg in antwoord op vragen van de vaste Kamercommissie voor Landbouw.

Er zijn drie opties bij vergunningverlening voor een activiteit in een Natura 200 gebied volgens de minister. Dat zijn:

1. Er is geen vergunning nodig. Dit is het geval als op voorhand duidelijk is dat de activiteit geen gevolgen heeft voor een Natura 2000 gebied.

2. Aan het begin van het traject is duidelijk dat de activiteit wel kan leiden tot verslechtering van kwaliteit van de habitats, maar geen significante gevolgen heeft. Een toets moet uitwijzen dat geen verslechtering optreedt of dat de kans erop aanvaardbaar is gelet op andere belangen.

3. Als het project significante gevolgen kan hebben dan moet er een rapport worden gemaakt wat precies die gevolgen zijn. De vergunning wordt dan alleen verleend als er geen aantasting plaatsvindt van de natuurlijke kenmerken uit het Natura 2000 gebied. Het project leidt niet tot significante van de soorten waarvoor het gebied is aangewezen en er is geen verslechtering van de habitats. Alleen als er geen alternatieven zijn en met het project dwingende redenen van groot openbaar belang gemoeid zijn, wordt toch vergunning verleend ook al kan de natuur hieronder leiden. Er moet dan wel compensatie plaatsvinden voor het verlies aan natuurwaarden.

Significatie verduidelijken

Verburg wil het begrip significatie verduidelijken door middel van handreikingen met praktijkervaringen en correspondentie. Ook wil ze de mogelijkheden onderzoeken om duidelijkheid te scheppen door in een AMvB bepaalde categorieën activiteiten te identificeren, waarvan op basis van wetenschappelijk onderzoek vaststaat dat ze geen significante effecten zullen hebben. Hier is al een wetsvoorstel voor ingediend.

Niet onder de vergunningplicht valt de bestaande infrastructuur. Ook niet als er in de loop der tijd meer verkeer gebruik van maakt door autonome ontwikkeling. Ook een bedrijf zal, wanner het geen nieuwe ontwikkelingen ontplooit, voorlopig geen natuurbeschermingswetvergunning nodig hebben. Gedurende de periode dat het beheerplan niet is vastgesteld zal het bevoegd gezag geen vergunningstraject ingaan.

Beheerplan

Bij het opstellen van een beheerplan zal worden bekeken of er negatieve gevolgen zijn en welke verzachtende maatregelen nodig zijn om de natuurdoelen te halen. Wanneer een veehouderij wil uitbreiden kan dit zolang de uitbreiding past binnen het toetsingskader ammoniak. Als het om een bedrijf gaat zijn de gevolgen van de uitbreiding van belang.

Meer informatie Brief van minister Verburg
Meer informatie Onderzoek naar de ammoniakdepositie op 5 habitatgebieden

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.