Home

Achtergrond 108 x bekeken

Het gaat dan eindelijk gebeuren: de openbare vennootschap!

De maatschap is een overbekend fenomeen in de agrarische sector. Wordt gekozen voor samenwerking (bijvoorbeeld met echtgenoot of kind) dan is de maatschap meestal de meest voor de hand liggende optie. Maar het wordt allemaal anders. En wel over zes maanden!

Voor een maatschap zijn veel, heel veel, goede redenen te geven. Een niet-onbeperkte aansprakelijkheid, (dat is wat anders dan beperkte aansprakelijkheid!), beperkte kosten, flexibiliteit bij de winstverdeling, geen extra fiscale aangiftes (zoals vennootschaps- en dividendbelasting), geen minimumkapitaal van € 18.000 zoals bij de BV en, zeker niet onbelangrijk, fiscaal in de meeste gevallen verreweg de aantrekkelijkste rechtsvorm voor de Nederlandse boer en tuinder. Tenslotte: de maatschap is een geweldig opvolgingsinstrument. Maar dat is straks verleden tijd.

De wettelijke regeling van de maatschap en ook de vennootschap onder firma is sterk verouderd. Ze dateert uit een tijd dat er nog geen trekker, geen KI en geen telefoon was. Het was tijd voor een nieuwe regeling. Deze regeling (wetsvoorstel 28746) wordt al geruime tijd behandeld in de Eerste Kamer. De stemming, een hamerstuk, zal niet lang meer op zich laten wachten. Maar niet alles is in wetsvoorstel 28746 geregeld. Belangrijke zaken ontbraken, zoals:
- datum van inwerkingtreding wetsvoorstel
- inschrijfplicht openbare vennootschap in Handelsregister
- overgangsrecht
- fiscale gevolgen wetsvoorstel

Voorstel Aanpassingswet
Al deze zaken en heel veel meer zijn nu geregeld in een zogeheten Aanpassingswet (31 065). Onderdeel van de Aanpassingswet is zoals gezegd ook een fiscaal hoofdstuk. Er wordt wat geschaafd aan de wettelijke terminologie, maar daar hoeft u niet van wakker te liggen.

Voor de praktijk is het overgangsrecht belangrijk. Hoe worden bestaande maatschappen en firma’s behandeld. Duidelijk is dat u een beetje respijt wordt gegeven, maar als bijvoorbeeld senior niet wil dat junior in de maatschap volledige bevoegdheid krijgt (zodat het melkquotum niet ‘onder zijn kont vandaan’ kan worden verkocht) er actie ondernomen moet worden. Op naar het Handelsregister, om daar melding te maken (inschrijven dus) van de beperking in de bevoegdheid van junior.

Belangrijk is verder dat de nieuwe openbare vennootschap (OV) de opvolger van maatschap en firma niet belastingplichtig wordt voor de inkomsten- of vennootschapsbelasting. Dat blijven de maten/vennoten zelf, maar dus niet het samenwerkingsverband. We noemen dit ‘fiscale transparantie’. Bij de BV is wel sprake van zelfstandige belastingplicht, de BV is dus niet transparant. De transparantie blijft ook bestaan als bij de OV gekozen wordt voor rechtspersoonlijkheid.

Verder zijn er gevolgen voor de overdrachtsbelasting. Bestaande vrijstellingen bij wijziging van rechtsvorm van een onderneming en bij toe- en uittreden van vennoten tot een personenvennootschap worden op de nieuwe regelgeving toegesneden. Dit zal in de sector vooral van belang zijn bij het toe- of uittreden van vennoten, bijvoorbeeld als de partner toetreedt tot de maatschap (OV dus) of als de ouders uittreden. We komen in het naslaggedeelte uitgebreid op de gevolgen van dit voorstel voor de agrarische sector terug.
S.F.J.J. Schenk FB (Directeur adviesgroep Fiscale Zaken van de GIBO Groep)

Meer informatie Agrocount studiemiddag over personenvennootschappen
Meer informatie Voorstel Aanpassingswet 31 065
Meer informatie Wetsvoorstel 28746

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.