Home

Achtergrond 147 x bekeken

Vrij constant percentage kleine bedrijven

De daling van het aantal kleine boeren bedrijven, 3 tot 16 nederlandse grootte eenheden (nge) is beduidend kleiner dan de krimp van de groep bedrijven met een wat grotere omvang, 16 tot 40 nge. Dat blijkt uit cijfers van het Landbouw Economisch Instituut (LEI). De afgelopen 20 jaar is het aandeel van kleine bedrijven in de totale populatie van land- en tuinbouwbedrijven zelfs redelijk constant gebleven.

Bij een afname van het totale aantal bedrijven van ruim 135.000 in 1985 naar ruim 80.000 in 2005 is het aantal kleine bedrijven in deze periode nagenoeg gehalveerd. Meer dan een kwart van de 80.000 bedrijven kan dan als klein worden beschouwd. Het aandeel van de iets grotere bedrijven liep in 20 jaar terug van 30 naar 17 procent.

De kleine bedrijven (gemiddeld 6 hectare grond) bezitten ruim 7 procent van de agrarische cultuurgrond en zijn goed voor ongeveer 2,5 procent van de Nederlandse productie. Onder de glastuinbouw, de intensieve veehouderij en de melkveebedrijven zijn ze bijna niet te vinden. Ze zijn hoofdzakelijk vertegenwoordigd onder de akkerbouwbedrijven, de graasdierbedrijven zonder melkvee en de overige, vaak gemengde, bedrijven.

De meeste kleine bedrijven zijn te vinden in Gelderland, Overijssel en delen van Limburg. In Flevoland, Friesland en Groningen zijn ze duidelijk minder gezichtsbepalend. Veel van de kleine bedrijven hebben nevenactiviteiten als agrotoerisme, zorglandbouw en agrarisch natuurbeheer. Dit is nodig voor het besteedbare inkomen. Het grootste probleem bij de kleine bedrijven is dat meer dan een derde wordt gerund door ouderen met AOW en eventueel een pensioen. Het opvolgpercentage is daarbij laag.

Meer informatie Agri-monitor

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.