Home

Achtergrond 252 x bekeken

Niet bedrijfsmatig geëploiteerd bos is belast voor waarde in economisch verkeer

Als bij een bos geen sprake is van bedrijfsmatige exploitatie, maar van een beheer dat op in standhouding is gericht, dan is het bezit niet vrijgesteld van onroerende zaakbelasting en belast naar de waarde in het economisch verkeer. Dat heeft de Rechtbank van Zutphen bepaald.

De heffingsambtenaar van de gemeente Zutphen heeft bij beschikking van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de waarde van een bosperceel per waardepeildatum 1 januari 2003, vastgesteld voor de periode januari 2005 tot en met 31 december 2006. De eigenaar van het bos, dat hij heeft geërfd, gaat hiertegen in beroep.

Volgens hem moet de waarde worden vastgesteld op 0 euro omdat het bosperceel bedrijfsmatig wordt toegepast ten behoeve van de bosbouw. Hij is van mening dat de cultuurgrondvrijstelling moet worden toegepast.

De heffingsambtenaar is van mening dat de eigenaar als particulier vermogensbeheer pleegt. Uit de door hem verstrekte facturen blijkt dat er een verkoopopbrengst is gerealiseerd, maar dat daarmee nog niet vaststaat dat de eigenaar winst beoogt en verwacht te behalen. Volgens de heffingsambtenaar is er objectief gezien ook geen winst te behalen.

Volgens de Wet WOZ is vrijgesteld van onroerende zaakbelasting de ten behoeve van de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond. Volgens enkele arresten van de Hoge Raad is er pas sprake van bedrijfsmatige exploitatie van cultuurgrond, als met de exploitatie winst wordt beoogd en kan worden verwacht.

Het enkel en alleen uitvoeren van werkzaamheden die nodig zijn om het bosbestand in stand te houden en het te gelde te maken van het beschikbaar komende hout, indien de mogelijkheid daartoe zich voordoet, is volgens de Rechtbank niet voldoende om van bedrijfsmatige exploitatie te spreken.

De vader van de boseigenaar exploiteerde het bos ook niet bedrijfsmatig. Daarnaast stelt de boseigenaar één keer in de 7 tot 10 jaar het bos uit te dunnen en het daarbij verkregen hout te verkopen. Van de verwachte netto opbrengsten daarvan kan hij echter geen exploitatieoverzicht verstrekken. In zijn aangifte heeft hij dat niet verwerkt omdat hij volgens navraag bij de Federatie particulier grondbezit de opbrengst van inkomstenbelasting zou zijn vrijgesteld.

Op grond van bovengenoemde feiten acht de Rechtbank het niet aannemelijk dat de boseigenaar werkzaamheden in het bos uitvoert die meer omvatten dan hetgeen nodig is om het bos in stand te houden. Het perceel bos wordt naar oordeel van de Rechtbank dan ook niet bedrijfsmatig geëxploiteerd.

Hierbij is met name van belang dat een exploitatieoverzicht ontbreekt, de toekomstige opbrengsten niet nader zijn onderbouwd en de boseigenaar zich voor de inkomensbelasting niet als ondernemer beschouwt. Het beroep is derhalve ongegrond.

Meer informatie Volledige uitspraak van de Rechtbank van Zutphen

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.