Home

Achtergrond 366 x bekeken

Afschrijving ten onrechte gecorrigeerd

Er is bij het bepalen van de aangifte niet van een onjuiste te lage waarde van de opstallen per 1 januari 2001 uitgegaan. De inspecteur van de belastingdienst heeft daarom de afschrijving ten onrechte gecorrigeerd. Dat heeft de Rechtbank van Breda bepaald.

Een boerin exploiteert door middel van een bv een varkenshouderij. De varkensstallen heeft ze privé en worden aan de bv verhuurd. De onroerende zaken heeft de varkenshoudster per 1 januari 2001 op haar openingsbalans als resultaatgenieter geactiveerd. Ze deed dat jaar electronisch aangifte.

De inspecteur van de belastingdienst legde de aanslag voor 2001 op conform de aangifte. Ook in de aangiften 2002 en 2003 is uitgegaan van opbrengst uit ter beschikking stellen van vermogen en, als onderdeel van de kosten, een afschrijving op de opstallen.

De boerin baseert haar waardering van de grond en opstallen op een taxatierapport van makelaars van 21 augustus 2002. De inspecteur van de belastingdienst baseert zijn rapport op een taxatierapport van de belastingdienst van 3 april 2006. Verschil is ook dat in dit rapport de waarde van de opstallen niet per opstal is gespecificeerd, maar is de waarde van de opstallen als totaal vastgesteld.

De boerin gaat in beroep tegen de door de inspecteur vastgesteld waarde. Ze stelt dat als de grond lager gewaardeerd wordt, dan moet de waarde van de opstallen hoger gewaardeerd worden. De bv bezit daarnaast varkensrechten, een koper zou dus moeten betalen voor de ondergrond van het gebouw en de varkensrechten. Ook heeft volgens haar de mestsilo waarde omdat varkenshouders sinds 2001 meer opslagcapaciteit moesten hebben.

Deze mestsilo is in de taxatie van de inspecteur opgenomen bij de varkensstallen. Volgens hem heeft een aparte mestopslag niet veel waarde. In de kelders onder de stallen is voldoende mestopslagruimte voor een jaar.

Het verschil in afschrijving dat de boerin en de inspecteur verdeeld houdt, vloeit voort uit een lagere waardering van de opstallen door de inspecteur. Ze gaan wel uit van dezelfde waarden voor mestsilo en erfverharding.

De rechtbank gaat voorbij aan de stelling van de taxateur van de inspecteur dat de mestsilo eigenlijk geen waarde heeft. Voor de waarde van de afschrijving voor de jaren 2002 en 2003 moet worden uitgegaan van de waarde in het economisch verkeer van het gehele complex per 1 januari 2001.

Beide taxatierapporten, hoewel opgesteld door deskundigen, vertonen volgens de Rechtbank manco’s. Het taxatierapport van de boerin gaat uit van een onjuiste peildatum. Het taxatierapport van de inspecteur is onvoldoende gespecificeerd en gaat niet uit van de complexwaarde.

Maar het gaat hier hoofdzakelijk om de waarde van de grond. Nu de grond niet wordt afgeschreven heeft die geen invloed op de hoogte van de aanslag. De Rechtbank kan daar dus geen uitspraak over doen. De Rechtbank gaat niet mee de boerin mee op het punt dat een lagere waardering van de grond moet leiden tot een hogere waardering van de opstallen. Het beroep wordt gegrond verklaard.

Meer informatie Volledige uitspraak van de Rechtbank van Breda

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.