Home

Achtergrond 168 x bekeken 2 reacties

Wereldproblemen op bord veehouder

CLM werkt aan een methode waarmee melk- en varkenshouders hun bijdrage aan het klimaatprobleem kunnen meten.

Maar, onderkent Eric Hees, medewerker van het projectbureau, de veehouder heeft niet alles zelf in de hand. "Ze moeten in ketenverband de mondiale problemen oppakken."

Er wordt steeds meer bekend over de bijdrage van de veehouderij aan klimaatverandering en ontbossing. Logisch dat een voorhoede van veehouders werkt aan een managementinstrument om die bijdrage te meten én te beperken.

In het landbouwmilieubeleid is een verschuiving gaande van regionale naar mondiale milieuproblemen. Het regenwoud krijgt al jaren aandacht in de media. De teelt van soja en biobrandstoffen in de Amazone en Zuidoost Azië liggen onder vuur. Het klimaatprobleem beheerst de politiek en gaat ook op de markt een rol spelen.

Het Nederlandse kabinet wil in 2020 een reductie van de uitstoot van broeikasgassen met 30 procent ten opzichte van 1990. De FAO maakte eind vorig jaar bekend dat de veehouderij wereldwijd goed is voor 18 procent van de uitstoot van broeikasgassen. Het gaat vooral om methaan en lachgas en in mindere mate om CO2. Methaan ontstaat in de pens van herkauwers en uit mest, lachgas uit mest en kunstmest in de wei. Let wel: de melkveehouderij is goed voor meer dan de helft van de emissies uit de landbouw. Dat is even slikken voor een sector die zich mag verheugen in een sterk imago.

De broeikasgasemissies uit de Nederlandse veehouderij zijn de afgelopen decennia al flink teruggedrongen, meeliftend met de melkquotering en het mestbeleid. Wat kunnen veehouders verder nog doen aan hun emissies?

Dat verschilt per broeikasgas. Van methaan staat vast dat door efficiëntere melkproductie, bijvoorbeeld door een betere voederconversie, de emissie per kilo melk terugloopt. Ook via de samenstelling van het rantsoen heeft de veehouder invloed op de methaanemissie. Verder kan een biogasinstallatie methaan afvangen en benutten voor energieproductie, die dan bovendien fossiele energie bespaart.

De uitstoot van lachgas kan worden teruggedrongen door grasland minder te scheuren. En wat CO2 betreft, draait het vooral om besparing van directe en indirecte energie. Ook hier geldt: hoe minder krachtvoer en hoe minder kunstmest per kilo vlees of melk, hoe beter. Bovendien kost de productie van de ene soort krachtvoer en kunstmest meer energie dan van de andere.

Het zou goed zijn als veehouders een managementinstrument in handen krijgen waarmee zij hun bijdrage aan het klimaatprobleem en hun beslag op tropisch regenwoud kunnen meten. Vervolgens is het van belang dat de veehouder weet aan welke knoppen hij kan draaien als hij zijn bijdrage wil verminderen. Zo’n instrument wordt momenteel ontwikkeld door het CLM, in samenwerking met toekomstgerichte melkveehouders en varkenshouders.

Wel is duidelijk dat zo’n instrument complex is en niet kan worden gebruikt voor heffingen of normen. Ook is duidelijk dat de veehouder niet alles zelf in de hand heeft. Voor ander veevoer is hij bijvoorbeeld aangewezen op zijn leverancier. Maar als de Nederlandse melkvee- en varkenshouders de mondiale problemen in ketenverband serieus gaan oppakken, kunnen zij hun imago verbeteren en op de markt een concurrentievoordeel opbouwen.

Administrator

Laatste reacties

  • no-profile-image

    johnny

    blijkbaar zijn de boeren in nederland verantwoordelijk voor de klimaatveranderingen in de wereld ,wat naief !gewoon belachelijk.

  • no-profile-image

    Jac

    nou blijkbaar heeft CLM niets te doen, wat een onzin! Welk klimaatprobleem? Het klimaat veranderd ja, maar dat is altijd geweest. is dit een probleem? kan zijn. Hebben mensen daar invloed op? ik geloof er nog steeds niets van, noem mij naief of wat je wil, zolang de wetenschap er nog niet uit is of dit waar is blijft het voor mij politiek geneuzel. Dus CLM als er geen ander werk meer is beter op onbetaald verlof gaan......

Of registreer je om te kunnen reageren.