Home

Achtergrond 89 x bekeken 1 reactie

NMa-voorzitter: marktwerking werkt bij fusies

Toezichthouders moeten ondernemingen vrijlaten. Bestuursvoorzitter Pieter Kalbfleisch van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) benadrukt in een vraaggesprek met het ANP dat marktwerking bij fusies werkt en dat het belangrijk is dat de NMa zich tot haar eigenlijke taken beperkt.

"Wij gaan niet de morele hoeder van de fusiepatronen in Nederland of Europa uithangen.''

De NMa-voorman is niet bang voor maatschappelijk inefficiënte overnames. ,,Als fuserende ondernemingen het slecht doen, maken anderen daar weer gebruik van: verliezers maken winnaars, dat brengt de levendigheid in de tent. Daarom werkt marktwerking over het algemeen.'' In de gevallen dat marktwerking niet werkt, zou de politiek moeten ingrijpen, aldus Kalbfleisch. "Dat is alleen als er speciale publieke belangen moeten worden beschermd. Wij zijn er om de mededingingswet uit te voeren en daarmee de consument te beschermen tegen gevolgen van marktconcentratie.''

Kalbfleisch ziet ook geen rol voor de NMa weggelegd als marktmeester. Minister Wouter Bos van Financiën zei in mei dit jaar, naar aanleiding van de overnamestrijd om ABN Amro, te overwegen zo'n functionaris aan te stellen. Vorige week zei voormalige voorman Peter Paul de Vries van de Vereniging van Effectenbezitters bij zijn afscheid dat een marktmeester noodzakelijk is. Die zou moeten toezien op een ,,ordelijk en transparant verloop'' van het biedingproces bij grote overnames.

Kalfleisch stelt dat dat niet zou passen in het takenpakket van de NMa. ,,Als Wouter Bos andere belangen in de gaten wil houden, is dat prachtig, als het maar niet in strijd is met de mededingingswet.''

De NMa werd in 1998 opgericht. Sindsdien heeft de NMa twee fusies tegengehouden. Hoogleraar en fusie-expert Hans Schenk van de Universiteit van Utrecht uitte in eerdere gesprekken met het ANP zijn onvrede over dat lage aantal verbodsbesluiten. Hij stelt dat slechts 15 procent van de fusies en overnames slaagt en dat er veel geld wordt weggegooid aan mislukte fusies en overnames.

"Die twee verbodsbesluiten geven een vertekend beeld'', aldus Kalbfleisch. Ten eerste speelt het anticipatie-effect een rol. ,,Onderzoek wijst uit dat 20 procent van de bedrijven de fusieplannen aanpast of helemaal niet bij ons meldt, omdat ze op basis van onze eerdere fusiebesluiten kunnen inschatten dat wij risico's ten aanzien van concurrentie zullen zien. Vaak hebben we al lang voor de toestemmingsaanvraag contact met de ondernemingen in kwestie.'' Ook stelt de NMa vaak voorwaarden, bijvoorbeeld dat er een gedeelte van het bedrijf moet worden afgestoten, of ziet men van de fusie af, nadat de NMa heeft aangegeven nader onderzoek te willen doen.

Kalbfleisch veert op als hij het heeft over de maatschappelijke opbrengst van het NMa-toezicht. "Dat houden we allemaal bij. Vorig jaar hebben onze ingrepen volgens onze voorzichtige schatting 800 miljoen euro opgeleverd voor de consument, terwijl we een begroting hebben van 43 miljoen euro. Ter vergelijking: in Groot-Brittannië stelt de regering aan de kartelautoriteit de eis dat het toezicht zes keer het budget oplevert. Wij zitten hier ruimschoots overheen.''

Administrator

Eén reactie

  • no-profile-image

    ton

    Kalbfleisch slaat de spijker op zijn kop als hij aangeeft dat de maatschappelijke opbrengst bepalend is voor het ingrijpen van de NMa. Dit is zo echter nooit bedoeld bij de oprichting van de NMa, de NMa dient zich te richting op concurrentievervalsing door afspraken. Mij is al vaker het gevoel bekropen dat er met meerdere maten gemeten wordt in die zin dat het belang van de consument voorop staat en niet zozeer concurrentievervalsing. En wie heeft hier uiteindelijk belang bij door het behoud van koopkracht? Juist ja, de staat zelf.

Of registreer je om te kunnen reageren.