Home

Achtergrond 219 x bekeken

Kort geluk

In de antwoorden die ik heb geformuleerd is bewust de turbulentie op de mestmarkt buiten beschouwing gelaten. Financiële afwegingen spelen in deze antwoorden geen rol.

Na de berekening op www.nutrinorm.nl blijkt dat er ruimte is voor 1.541 kg stikstof en 2.626 kg fosfaat uit dierlijke mest. Vervolgens zoeken we de forfaitaire stikstof- en fosfaat gehalten in dierlijke mest op. Rundveemest bevat 4,5 kilo N en 1,9 kilo P2O5 per ton, vleesvarkensdrijfmest respectievelijk 7,0 en 3,9 kilo.

Al snel blijkt dat stikstof het plafond vormt voor de aanvoer van dierlijke mest. Daarom wordt de aanvoer berekend aan de hand van het stikstof gehalte in de mest. De berekening voor het aanvoeren van het aantal tonnen mest: rundveedrijfmest 1.541 / 4,5 = 342,4 ton, vleesvarkensdrijfmest 1541 / 7,0 = 220,1 ton.

Vleesvarkensdrijfmest zorgt voor een betere benutting van de gebruiksruimte omdat er verhoudingsgewijs meer fosfaat in zit. Bij aanvoer van rundveedrijfmest wordt 342,4*1,9= 650 kg fosfaat aangevoerd, bij vleesvarkensmest is dat 220,1*3,9= 858 kg fosfaat.

Van deze twee opties kies ik voor vleesvarkensdrijfmest omdat daarbij de gebruiksruimte beter wordt benut. Rundveedrijfmest biedt ook wel enkele voordelen. Die bevat meer organische stof, en dat bevordert de vruchtbaarheid van de grond.

De beste oplossing wil ik graag zelf aandragen, namelijk vaste mest. In vaste mest zit 7,1 kg stikstof en 5,3 kg fosfaat. De mogelijke aanvoer is; 1.541 / 7,1 = 217 ton vaste mest, dat is maar liefst (217*5,3=) 1.150 kg fosfaat. Meerdere doelen zijn hiermee gediend: een optimale benutting van de gebruiksruimte en een enorme aanvulling van het organische stof gehalte. Organische stof is van groot belang op lange termijn, vergoedingen voor aanvoer van mest is slechts een kwestie van kort geluk!

Of registreer je om te kunnen reageren.