Home

Achtergrond 176 x bekeken

Geslachtelijke sporen - Oösporen

De geslachtelijke sporen kunnen tijdens het groeiseizoen, net als zoösporen, het loof en de knollen aantasten. Algemeen wordt aangenomen dat oösporen later in het seizoen (eind juni - begin juli) actief worden. Verspreiding vindt plaats door vocht en wind.

Het grote verschil met de ongeslachtelijke sporen is dat de oösporen 's winters in de grond kunnen overblijven. De sporen zijn organismen met een stevige wand en daardoor in staat zeer lang hun vitaliteit te houden.
Afhankelijk van onder meer de grondsoort kunnen ze twee tot vier jaar overleven. Een goed uitgevoerde bestrijdingsstrategie is én blijft de beste garantie voor een schoon gewas. Als toch sprake is van aantasting kan overwogen worden fungiciden toe te passen. Eénmaal in de bodem kunnen ze alleen worden tegengegaan met een voldoende brede, opslagvrije rotatie van 1 op 4 of (liever) nog breder.

Of registreer je om te kunnen reageren.