Home

Achtergrond 78 x bekeken

Leverancier moet schade St. Jacobskruidkruid betalen

Een leverancier van met (giftig) St. Jacobskruiskruid vervuild hooi dat tot grote sterfte onder een veestapel heeft geleid is aansprakelijk voor de geleden schade, ondanks dat hij niet bekend was met de giftigheid van het kruid. Dat heeft de Rechtbank van Breda bepaald.

Een boerenfamilie vormt een maatschap waarin ze een gemengd bedrijf exploiteren met zowel veeteelt als akkerbouw en grove tuinbouw. Hun hooi namen ze af van een leverancier die voor het Ministerie van Defensie de graslanden rond de vliegbasis Woensdrecht beheert en onderhoudt. De leverancier was ervan op de hoogte dat de afnemer het hooi als veevoer gebruikte.

Begin 2001 werd de boerenfamilie getroffen door een massale sterfte van de veestapel, 130 runderen lieten het leven. Een jaar later stelde een team van dierenartsen verbonden aan de Gezondheidsdienst voor dieren te Deventer vast dat de oorzaak van de sterfte onder de veestapel van de afnemer was veroorzaakt door vergiftiging van de lever door het zogenoemde St. Jacobskruiskruid.

De boer stelde vervolgens de leverancier aansprakelijk en eiste een schadevergoeding van 369.200 euro. Volgens de agrariër bestaat er tussen de partijen een koop-ruilovereenkomst. Het geleverde hooi voldoet niet aan de conformiteitseis en dus is volgens hem de leverancier aansprakelijk voor de schade.

De leverancier is van mening dat er helemaal geen koop-ruilovereenkomst bestond. De agrariër heeft namelijk nooit voor zijn hooi betaald. Bovendien is er volgens de leverancier geen sprake van onrechtmatig handelen omdat onbetwist vaststaat dat ze geen wetenschap had van de aanwezigheid van het schadelijke kruid. Tot slot is de leverancier van oordeel dat de boer zelf had moeten controleren of het hooi geschikt was als veevoer.

De Rechtbank stelt dat er wel degelijk een koop-ruilovereenkomst is. Dit omdat de boer het gras maait en de leverancier het gemaaide gras (hooi) levert plus een financiële vergoeding. De eerste prestatie is kenmerkend voor een overeenkomst van opdracht. De tweede prestatie is karakteristiek voor de overeenkomst van koop-ruil.

Volgens de Rechtbank wist de leverancier dat de boer het hooi gebruikt als veevoer. Daarom was de geschiktheid van het maaisel beslissend om een overeenkomst met de leverancier aan te gaan. Volgens de wet moet de afgeleverde zaak hieraan beantwoorden en de eigenschappen bezitten die de koper op grond van de afspraken mag verwachten. Oftewel het hooi moest geschikt zijn als veevoer.

Omdat het hooi St. Jacobskruiskruid bevatte beantwoorde het niet aan de verwachtingen. Bij een tekortkoming van een verbintenis is de schuldenaar verplicht de schade die de schuldeiser daardoor leidt te vergoeden.

De leverancier wist dan wel niet dat St. Jacobskruiskruid giftig is, hij is een professional en diende als beheerder van het terrein te weten wat er op het areaal groeit en dus ook bekend te zijn met de eventuele risico’s. Het is bovendien de verplichting van een leverancier een deugdelijk product te leveren. De Rechtbank volgt de agrariër en kent een schadevergoeding van 369.200 euro toe.

Meer informatie Volledige uitspraak van de Rechtbank van Breda

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.