Home

Achtergrond 81 x bekeken

Geen Wevab-tuinbouw, maar Wevab-akkerbouw bij verkoop

In deze zaak is op een perceel dat in gebruik was bij een akkerbouwbedrijf een vergunning verleend voor de bij van een kassencomplex met bedrijfswoning. Na een aantal jaren verandert het bestemmingsplan en worden kassenbouw uitgesloten. Bij latere verkoop voor woning moet worden uitgegaan van de Webab-akkerbouw en niet van de Wevab-tuinbouw.

Een aantal jaren nadat de bouwvergunning voor het oprichten van een glastuinbouwbedrijf met een bedrijfswoning verstrekt is, acht de gemeente het niet langer wenselijk dat er op deze locatie een vijftal kassencomplexen worden gerealiseerd. Op het moment dat één van de vijf grondeigenaren de aanvraag voor een bouwvergunning zou effectueren was de gemeente verplicht om deze te verlenen.

Om toch tot een oplossing te komen treedt de gemeente in overleg met één van de grondeigenaren. Met hem wordt een overeenkomst gesloten waarin is bepaald dat er op zijn perceel een vijftal woning mag worden gerealiseerd op voorwaarde dat hij ervoor zorgt dat de vijf bouwvergunningen voor een kassencomplex met woning worden ingetrokken. Begin 1999, in ieder geval voor 11 februari heeft de grondeigenaar alle bouwvergunningen afgekocht en dus feitelijk in zijn bezit. Op 11 februari 1999 verkoopt hij een deel van zijn perceel en vermeldt in de koopakte dat het perceel zal worden gebruikt als weiland en bouwland.

In zijn belastingaangifte gaat de grondeigenaar voor de bepaling van de landbouwvrijstelling uit van de Wevab-tuinbouw. Ten onrechte vindt de belastinginspecteur en oordeelt ook het hof Den Haag. Op het moment van grondverkoop, waren de vergunning al door grondeigenaar afgekocht. Indien de percelen waarvan de vergunningen door hem waren afgekocht nu op de onroerend goed markt te koop zouden worden aangeboden zou er niet meer dan de Wevab-akkerbouw worden betaald. De realisatie van een tuinbouwbedrijf was immers niet meer mogelijk. Ook had hij met de gemeente al een exploitatie-overeenkomst getekend. De kans dat er dus een transactie zou plaatsvinden met overdracht van de bouwvergunning voor een kassencomplex met bedrijfswoning zijn volgens het Hof dan ook nihil.

Voor de bepaling van de landbouwvrijstelling moet volgens het Hof dus worden uitgegaan van de Wevab-akkerbouw.

Meer informatie Volledige uitspraak van het Gerechtshof Den Haag

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.