Home

Achtergrond 98 x bekeken

Toch schenking bij bedrijfsovername

Het al dan niet levensvatbaar blijven van een onderneming heeft geen invloed op de hoogte van het schenkingsbedrag. Dit bedrag wordt bepaald door het verschil tussen de waarde in het economisch verkeer van de overgenomen zaken en rechten en de overnamesom. Dat heeft het Gerechtshof van Den Haag bepaald.

Een boerin oefende van 1 januari 1998 tot 30 april 2000 in maatschapverband een melkveehouderij uit. Bij de totstandkoming van de maatschap hebben haar ouders zich de stille reserves met betrekking tot de door hen ingebrachte goederen en rechten voorbehouden.

Vanaf 30 april 2002 is de maatschap ontbonden en oefent de boerin het bedrijf voor eigen rekening uit. Bij scheiding en deling van de maatschap zijn alle goederen en rechten tegen betaling van 486.906 euro overgegaan. Onder meer ook de stille reserves, de boekwaarde en het melkquotum. Daarnaast werd een bedrag van 181.807 kwijtgescholden om de levensvatbaarheid van de onderneming te garanderen. Tot slot werd een meerwaardeclausule meegenomen bij verkoop van de melkveehouderij.

De agrariër deed vervolgens een aangifte schenkingsrecht voor een schenking van haar ouders ter grootte van 399.426 euro. De inspecteur van de belastingdienst verhoogde dit bedrag met 115.582 euro. Dit deed hij omdat volgens hem de waardedruk en de berekende last van de meerwaardeclausule bij verkoop niet zijn meegenomen.

Volgens de boerin is de schenking echter gelijk aan de kwijtschelding. Ze is van mening dat er geen sprake is van bevoordeling uit vrijgevigheid en dus ook geen sprake van schenking. Omdat de kwijtschelding noodzakelijk is om de onderneming levensvatbaar te kunnen voortzetten. Ook stelt ze dat de waarde van het melkquotum lager is dan de inspecteur in zijn berekening vaststelde.

Volgens de inspecteur is het verschil tussen de overnamesom en de waarde in het economisch verkeer een belastbare schenking. Hij is van mening dat de ouders dit bewust hebben gedaan. Bij de bepaling van het melkquotum zegt hij rekening te hebben gehouden met voortzetting van de exploitatie.

Het Hof volgt de inspecteur in deze zaak. Sinds de wetswijziging van de Successiewet in 2002 wordt de waarde van goodwill bij de waardering van een onderneming niet meer buiten beschouwing gelaten. Er wordt niet meer gekeken naar het feit of een bedrijf lonend kan worden blijven geëxploiteerd. De boerin is hier volgens de rechtbank bevoordeeld en dat is dan dus een schenking.

Meer informatie Volledige uitspraak van het Gerechtshof van Den Haag

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.