Home

Achtergrond 78 x bekeken

Naheffingsaanslag terecht aan individuele veehouder opgelegd

Om de naheffingsaanslag over de verkoop van melkquota op naam van de maatschap te krijgen moet de maatschap ook in de overeenkomst worden genoemd als contractpartij. Dat heeft eerst het Gerechtshof van Leeuwarden en later ook de Hoge Raad beslist.

Een veehouder had tot en met 1994 een eigen bedrijf. Per 1 januari 1995 ging hij een maatschap met zijn zoon aan. Het land, de melkquota en de gebouwen gingen echter niet mee in de maatschap, maar werden door de vader ter beschikking gesteld.

Tot en met 1997 bleef de vader zelf de aangiften omzetbelasting opgeven. De omzetbelasting over de verkoop van de melkquota ontbrak echter. Hierover kreeg de vader een naheffingsaanslag. Volgens de veehouder moet deze echter op naam van de maatschap worden gesteld.

Het Hof en de Hoge Raad zijn het hier echter niet mee eens. Nergens in de stukken is de naam van de maatschap als contractpartij terug te vinden. De vader moet dus als ondernemer voor de omzetbelasting worden aangemerkt en niet de maatschap.

Meer informatie Volledige uitspraak van de Hoge Raad

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.