Home

Achtergrond 72 x bekeken

Vergunningplicht voor lozen oppervlaktewater

Ongeveer 1500 grotere intensieve veehouderijbedrijven moeten individueel een vergunning gaan aanvragen voor het lozen van oppervlaktewater. De nationale regelgeving is op dit gebied aangepast. Dat staat in een brief van staatssecretaris Schultz van Haegen van Verkeer en Waterstaat.

Aanleiding voor de aanpassing was een ingebrekestellingsprocedure van de Europese Commissie. Deze instantie had geconstateerd dat Nederland de Unie-Integrated Pollution Prevention and Control-richtlijn niet volledig toepaste.

Aangezien deze een integrale afweging van het milieu vereist, dienen wateraspecten volwaardig meegenomen te worden in de vergunning. Dit betekent dat bedrijven die onder de IPPC- richtlijn vallen zowel voor de Wet milieuvergunning (Wm) als voor de Wet verontreiniging oppervlaktewater (Wvo) vergunningplichtig zijn.

Volgens onderzoek van een extern bureau vallen circa 1500 veehouderijen onder de werkingssfeer van de IPPC-richtlijn. Het aantal veehouderijen dat ook een Wvo-vergunning moet aanvragen zal naar verwachting lager uitvallen, evenals de daaraan verbonden administratieve lasten.

Lang niet altijd zal er namelijk sprake zijn van lozingen op het oppervlaktewater. Bovendien kunnen bedrijven voorzieningen treffen om lozingen op het oppervlaktewater weg te nemen. Dan is er volgens Schulz van Haegen eveneens geen Wvo-vergunninplicht.

Meer informatie Brief van staatssecretaris Schulz van Haegen

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.