Home

Achtergrond 79 x bekeken

Koopmansgelden grotendeels naar voorloperbedrijven

Het grootste deel van de beschikbare 122 miljoen euro, bedoeld voor de extensivering van de melkveehouderij, gaat naar landschapsbehoud in de probleemgebieden. LNV stelt hier als eis, dat de gelden alleen ten goede komen aan voorloperbedrijven. Dit schrijft minister Veerman in een brief aan de kamer.

De beschikbare gelden die tot 2010 vrijkomen worden als volgt verdeeld:
1. Landschapsbehoud in (milieu)probleemgebieden: EUR 50 miljoen
2. Versnelde afronding van klassieke landinrichtingsprojecten: EUR 30 miljoen
3. Kavelruil: EUR 20 miljoen
4. Projecten t.b.v. melkveehouderij en milieu: EUR 12 miljoen
5. Kennisontwikkeling en -verspreiding in de melkveehouderij: EUR 10 miljoen.

De gebiedskeuze moet zoveel mogelijk aansluiten bij verplichtingen die voortvloeien uit het Europese milieu- en natuurbeleid. Dit om zoveel mogelijk milieurendement te halen uit de beschikbare gelden. De zoekgebieden voor de inzet van de Koopmansgelden zijn dan ook vooral gelegen rondom kwetsbare natuurgebieden. Binnen deze richtlijnen wijzen de provincies vervolgens de gebieden aan waar de beschikbare gelden kunnen worden ingezet.

Alléén melkveebedrijven die vooroplopen bij het afstemmen van hun bedrijfsvoering op de kwetsbaarheid van deze gebieden komen in aanmerking voor de Koopmansgelden. Dit wordt getoetst aan de volgende criteria:
* bedrijven met een gift van 250 kg/ha stikstof uit dierlijke mest of minder, zonder afvoer van mest;
* bedrijven waarbij bovendien geen verhoging van de mestproductie per hectare optreedt.

Meer informatie Brief van Veerman aan de Tweede kamer

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.