Home

Achtergrond 96 x bekeken

Onteigening voor eigenbouw geblokkeerd

Boeren en tuinders kunnen de onteigening van hun grond blokkeren als er in het publiek belang geen dringende behoefte bestaat aan een door de gemeente gewenste vorm van planuitvoering. Dat blijkt uit een uitspraak van de rechtbank van Roermond.

De gemeente Venray wilde gronden onteigenen die gelegen zijn in een plangebied met de bestemming woondoeleinden. Volgens de plantoelichting streefde de gemeente naar een ontwikkeling waarbij individuele kopers in samenwerking met door hen zelf te selecteren architecten en aannemers een vrijstaande woning kunnen bouwen. Een projectmatige ontwikkeling van het plangebied vond de gemeente onwenselijk omdat daardoor de beoogde vrijheid van vormgeving niet zou zijn gewaarborgd. Om haar doel te bereiken was onteigening in de ogen van de gemeente dan ook noodzakelijk.

De betrokken grondeigenaren die de woonbestemming zelf wilden ontwikkelen en realiseren (zelfrealisatie) dachten daar anders over. Zij betwistten dat met de voorgestane eigenbouw een publiek belang wordt gediend. Mocht daarover door de regering anders worden geoordeeld, dan waren zij in elk geval bereid om met de kopers maatwerktransacties aan te gaan en zodoende invulling te geven aan het particulier opdrachtgeverschap.

De Kroon keurde de onteigening goed. Onteigening ten behoeve van eigenbouw door particuliere opdrachtgevers is volgens de Kroon wel degelijk in het algemeen belang. En ook al zouden de grondeigenaren ingeval van zelfrealisatie afzien van een projectmatige benadering, dan zou dat er toch toe leiden dat de kopers niet zelf hun architect en aannemer zouden kunnen kiezen.

Bij de onteigeningsrechter hadden de grondeigenaren meer succes. De rechtbank in Roermond stelde voorop dat als een grondeigenaar bereid en in staat is zelf de op zijn grond rustende bestemmingen te realiseren, onteigening voor dat doel niet noodzakelijk is.

Naar het oordeel van de rechtbank had de regering weliswaar vastgesteld dat ingeval van zelfrealisatie door de grondeigenaren de beoogde vrije architecten- en aannemerskeuze van de kopers niet gewaarborgd was, zodat onteigening in beginsel mogelijk was. De Kroon had echter nagelaten de vraag te beantwoorden of aan die door de gemeente gewenste vorm van planuitvoering in het publiek belang een zodanig dringende behoefte bestond dat onteigening werd gerechtvaardigd. Bovendien was volgens de rechtbank niet aangetoond dat het beoogde vrije opdrachtgeverschap tot een wezenlijk ander resultaat zou leiden dan de maatwerkoplossingen die de grondeigenaren in gedachten hadden.

Als uitsmijter overwoog de rechtbank tenslotte dat het door de gemeente nagestreefde doel van architectonische diversiteit van de te realiseren woningen sowieso niet erg realistisch leek: het stringente eisenpakket dat de gemeente zelf als toetsingskader voor de desbetreffende bouwplannen had opgesteld, bood namelijk nauwelijks ruimte voor variatie. De conclusie van de rechtbank was dat de onteigening geen doorgang kon vinden omdat de noodzaak daarvan niet was gebleken.

Mr. R.J. Lucassen (CMS Derks Star Busmann)

Meer informatie Uitspraak van de rechtbank

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.