Home

Achtergrond 82 x bekeken

Geen uitbreiding vergunningsplichtige bloembollengebieden

Er komt voorlopig geen uitbreiding van bloembollengebieden waarvoor een individuele vergunningsplicht in het kader van de Wet verontreiniging oppervlaktewater (Wvo) nodig is. Daarmee blijft voor reizende bloemenbollenkramen het soepelere Lozingenbesluit gelden.

Dit zijn de Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur (KAVB) en het ministerie van Verkeer en Waterstaat (V&W) onlangs overeengekomen. Met deze afspraak vervalt het voornemen van V&W om de vergunningsplichtige gebieden uit te breiden. Dit plan zou tot gevolg hebben gehad dat ook reizende bloembollenkramen op die locaties een vergunning moeten hebben.

Maar de KAVB heeft het ministerie ervan overtuigd dat er voorlopig geen uitbreiding van de permanente bloembollenteelt komt. Daarmee is een uitbreiding van vergunningsplichtige gebieden ook niet nodig. Dit betekent dat de niet-permanente teelt nog steeds valt onder het Lozingenbesluit. De eisen aan lozing van water die daarin zijn opgenomen, zijn minder streng dan die in de individuele WVO-vergunning.

Er is sprake van een reizende bollenkraam als een teler een contract sluit met een akkerbouwer buiten de kerngebieden van de bloembollenteelt. Daarin wordt afgesproken dat de akkerbouwer de grond levert en het gewas verzorgt. De teler levert de bollen en neemt het eindproduct weer mee.

Er gelden verschillende Wvo-eisen voor permanente teelt en reizende bloembollenkramen vanwege de milieudruk. De belasting van permanente bloembollenteelt is hoger dan bij een afwisseling met bijvoorbeeld suikerbieten of aardappelen.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.