Home

Achtergrond 86 x bekeken

Afgeloste belastingschuld leidt tot lagere vermogensrendementsheffing

Voor het berekenen van de vermogensrendenmentsheffing mogen openstaande belastingschulden niet worden meegerekend. Dat bevestigt het gerechtshof in Leeuwarden. Het is daarom van belang de schulden voor het einde van het jaar af te lossen.

De overheid heeft volgens de belastingrechter bewust gekozen voor het niet meerekenen van belastingschulden in de vermogensrendenmentsheffing. Dat de wet op dit punt misschien niet eerlijk is, doet er niet toe. Voor een zo laag mogelijke heffing blijft het dus van belang om belastingschulden voor het einde van het jaar af te lossen.

Het gerechtshof deed deze uitspraak onlangs in een zaak die was aangespannen door erfgenaam die eind 2001 nog bijna € 400.000 successierechten over zijn erfenis moest betalen. Bij het berekenen van de vermogensrendenementsheffing heeft de belastingdienst dit bedrag buiten beschouwing gelaten.

Volgens de belanghebbende is hij daardoor benadeeld. Hij moest immers over een groter vermogen belasting betalen dan wanneer hij de schuld zou hebben afgelost. Er is daarom sprake van een oneerlijke behandeling, betoogde hij. Maar de belastingrechter vindt dat de overheid bewust deze nadelige situatie heeft aanvaard bij het opstellen van de regeling. De doorslaggevende overweging daarvoor was dat het bepalen van de rendementsgrondslag anders onnodig complex zou worden.

Het argument van de belanghebbende dat hij door deze wet een dubbele heffing moet betalen, is volgens het gerechtshof onjuist. De inkomstenbelasting en het successierecht zijn twee los van elkaar staande heffingen.

Meer informatie Uitspraak van het gerechtshof

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.