Home

Achtergrond 104 x bekeken

Onderzoeksplicht vergunningaanvrager niet eindeloos

Een bestuursorgaan kan geen vergunning verlenen zonder dat deze is aangevraagd. Ook mag het aan een vergunning geen voorwaarden stellen die een essentieel onderdeel zijn van het besluit en waarnaar het bestuursorgaan zelf onderzoek had moeten doen. Dit blijkt uit een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Op 18 september 2003 heeft de minister van LNV op grond van artikel 12 van de Natuurbeschermingswet (Nbw) een vergunning verleend aan een pluimveehouder in de buurt van het beschermd natuurmonument De Groote Peel. Hiertegen maakte een natuurbeschermingsorganisatie bezwaar, omdat de vergunde ammoniakdepositie te hoog zou zijn. De minister verklaarde het bezwaar gedeeltelijk gegrond en past de voorschriften bij de vergunde emissie aan. Hierin is de opschortende voorwaarde opgenomen dat de pluimveehouder moet aantonen dat de ammoniakdepositie op de Groote Peel door zijn toedoen is gehalveerd, alvorens hij de Nbw-vergunning in gebruik kan nemen.

Met dit herziene besluit zijn noch de pluimveehouder noch de natuurbeschermingsorganisatie in hun sas. Beiden gaan tegen het besluit in beroep. Volgens de pluimveehouder heeft de minister ten onrechte een vergunning verleend, omdat hij nooit heeft ingestemd met de vergunningaanvraag door zijn bedrijfskundig adviseur. De natuurorganisatie kan zich niet in het besluit vinden. Volgens haar heeft ze geen inspraakmogelijkheid meer bij beantwoording van de vraag of aan de opschortende voorwaarden is voldaan.

De Afdeling oordeelt als volgt. De pluimveehouder heeft nooit een vergunning aangevraagd. Ook heeft hij zijn bedrijfskundig adviseur geen opdracht hiervoor gegeven of een volmacht daartoe verleend. Hierdoor had de vergunning niet verleend kunnen worden. Ook in de bezwaarprocedure heeft de minister dit gebrek niet hersteld door te vragen of de pluimveehouder alsnog een aanvraag wilde indienen.

Inhoudelijk oordeelt de Afdeling ook over de opschortende voorwaarde. Volgens de Afdeling is deze voorwaarde een essentieel onderdeel van de besluitvorming in het kader van de verlening van een Nbw-vergunning. Van deze belangrijke voorwaarde kan niet makkelijk worden vastgesteld of hieraan is voldaan. De minister had de vraag of elders de ammoniakdepositie op De Groote Peel afneemt door toedoen van de pluimveehouder zelf moeten onderzoeken, voordat hij de vergunning verleende. Het besluit is daarom niet zorgvuldig genomen.

Mr. ir. J.M.M. Kroon (Gibo Accountants en Adviseurs)

Meer informatie Uitspraak van de Raad van State

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.