Home

Achtergrond 249 x bekeken

Alternatieven voor verleasen: valkuilen en risico’s

Met de invoering van de Regeling Superheffing en melkpremie 2004 is een einde gekomen aan het structureel verleasen van melkquota. Ondernemers die hun melkquota gedurende een aantal jaren hebben verleast zoeken naar alternatieven. Er zijn twee goede alternatieven, te weten het aangaan van een personenvennootschap (maatschap, CV of VOF) en het sluiten van een eenmalige pachtovereenkomst in combinatie met een overdracht van het melkquotum.

Een verleaser kan in beginsel een samenwerkingsverband aangaan met een praktiserend melkveehouder, waarbij de verleaser land en melkquotum inbrengt in een maatschap, VOF of CV. Wanneer de verleaser alleen land en quotum inbrengt, maar verder niet feitelijk bij de bedrijfsvoering is betrokken, ligt een CV het meest voor de hand. Hierbij kan door de verleaser een vergoeding worden bedongen, vergelijkbaar met de lease-opbrengst. Is de verleaser daarentegen voornemens om zich daadwerkelijk met de bedrijfsvoering bezig te houden, dan is het aangaan van een maatschap of VOF logischer.

Welke personenvennootschap men ook wil, in alle gevallen geldt het gezegde “bezint eer ge begint”. In de eerste plaats moeten partijen zich afvragen of een samenwerkingsverband datgene is wat zij beogen. Indien partijen niet uitdrukkelijk de wil hebben om samen te werken dan zouden de nadelen wel eens groter kunnen worden dan de voordelen.

Beide partijen (de ex-verleaser en de melkproducent) dienen zich goed te realiseren dat het aangaan van een personenvennootschap fiscale consequenties heeft. Deze zullen van te voren goed in beeld moeten worden gebracht. Zo is het niet uitgesloten dat het aangaan van een samenwerkingsverband door de fiscus wordt geïnterpreteerd als een staking van het bestaande bedrijf met als consequentie dat er moet worden afgerekend. Daarnaast zal er quotum moeten worden overgedragen omdat samenvoeging van quota niet meer mogelijk is. Dit betekent dat ook overdracht van grond moet plaatsvinden, hetzij in eigendom, hetzij in pacht.

Overdracht door pacht met zekerheidshypotheek eenvoudiger
Een ander simpeler alternatief is het aangaan van een eenmalige pachtovereenkomst ex-artikel 70f lid 5. Hierbij wordt dan melkquotum aan de pachter/melkproducent overgedragen. Bij een eenmalige pachtovereenkomst is de pachtprijs vrij overeen te komen. Het staat partijen dus vrij om in de pachtprijs een vergoeding voor het ter beschikking stellen van het melkquotum te verdisconteren.

Een belangrijk voordeel ten opzichte van het aangaan van een personenvennootschap is de eenvoud. Er zijn echter ook nadelen. Ervan uitgaande dat de verleaser bij het einde van de eenmalige pacht zijn melkquotum terugkrijgt, zullen er afspraken gemaakt moeten worden over het vetgehalte. Verder loopt de verleaser/verpachter financiële risico’s bijvoorbeeld in het geval de pachter failliet gaat. Dit zou kunnen worden ondervangen door een zekerheidshypotheek te bedingen. Verder dienen partijen zich te realiseren dat het aangaan van een pachtovereenkomst met zich meebrengt dat de pachter de grond ook daadwerkelijk (ten behoeve van de melkproductie) dient te gebruiken. Overigens dient ook bij deze opzet de ex-verleaser de fiscale consequenties goed in het oog te houden. (mr. P. Stehouwer, A & S Advocaten)

Lees ook Bij verkoop en aankoop geldt de netto-aankoop voor 70% norm

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.