Home

Achtergrond 1356 x bekeken

Overgangsrecht van de nieuwe Pachtwet: voorkeursrecht van de pachter

Het voorstel voor de nieuwe pachtwet is aan belanghebbende organisaties toegestuurd ter beoordeling. Hierin zijn bepaalde regels opgenomen die het overgangsrecht regelen. Ook voor het voorkeursrecht is er een overgangsregeling. Het anti-speculatiebeding verdwijnt, behalve als het aanbod gedaan is voor de inwerkingtreding van de nieuwe pachtwet.

In de huidige pachtwet is in artikel 56 a en volgende het voorkeursrecht van de pachter geregeld. De pachter heeft een voorkeursrecht als het om een pachtovereenkomst gaat die ten minste voor zes jaar is aangegaan en als de oppervlakte groter is dan één ha. Het voorkeursrecht van de pachter in de nieuwe pachtwet is geregeld in artikel 368 en volgende en alleen van toepassing op die pachtovereenkomst die als bedrijfspacht is aan te merken. Bij bedrijfspacht moet er sprake zijn van verpachte bedrijfsgebouwen of de oppervlakte van de pachtgrond moet tenminste 25% van het bedrijfsareaal uitmaken.

De nieuwe regeling van het voorkeursrecht is veel minder uitgebreid dan de huidige regeling. Het anti-speculatiebeding van artikel 56i verdwijnt bijvoorbeeld. De huidige regeling blijft van toepassing als de verpachter vóór de inwerkingtreding van de nieuwe pachtwet de pachter in de gelegenheid stelt om het verpachte te verkrijgen. Als partijen het nog niet eens zijn over de prijs en gedurende de onderhandelingen treedt de nieuwe pachtwet in werking dan kan er geen taxatie meer door de Grondkamer plaatsvinden, omdat deze instantie niet meer terugkeert in de nieuwe pachtwet. De verpachter en de pachter moeten dan voor gezamenlijke rekening een deskundige de prijs laten taxeren. Als deze taxatie nog steeds niet tot overeenstemming leidt, dan kan de waarde eventueel door de rechter worden vastgesteld.

Een deel van de nieuwe regeling is al van toepassing voordat de nieuwe pachtwet in werking is getreden. Het gaat dan om het nieuwe artikel 369. Daarin staat dat de verpachter toch aan een ander mag vervreemden als de pachter niet binnen een maand na de kennisgeving laat weten dat hij eigenaar wil worden. De prijs waarvoor de ander koopt mag echter niet lager zijn dan de prijs die de verpachter aan de pachter heeft aangeboden. Dit artikel is echter alleen van toepassing als de mededeling van de verpachter aan de pachter dat hij wil vervreemden is gedaan minder dan één jaar voor de inwerkingtreding van de nieuwe pachtwet èn de pachter niet binnen de termijn van één maand heeft laten weten dat hij eigenaar wil worden (mr. G. Krale).

Lees ook Overgangsrecht van de nieuwe Pachtwet

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.