Home

Achtergrond 103 x bekeken

Bouwvergunning kan worden verleend ondanks beschermd dier

Voor het bouwplan van een manage was een artikel 19 WRO vrijstelling nodig. Ook was misschien een ontheffing nodig op grond van de Flora- en Faunawet, omdat een beschermde uil in de buurt van het bouwplan leefde. De Raad van State bepaalde recentelijk dat in dat geval een vrijstelling en een bouwvergunning voor het bouwplan kon worden verleend. Niet elk bouwplan betekent dat de uil wordt verontrust.

Bij de vestiging van een manege op een perceel met een agrarische bestemming moeten er diverse procedures worden doorlopen. Er moet een wijziging van het bestemmingsplan of een artikel 19 Wet Ruimtelijke Ordening vrijstelling worden verleend. Maar ook moet er een milieuvergunning worden aangevraagd. Deze aanvraagprocedures zijn in de wet op elkaar afgestemd.

Daarnaast kan het voorkomen dat nog meer vergunningen of ontheffingen nodig zijn in verband met milieuwetgeving. Deze zijn niet afgestemd op de WRO of Woningwet. Het is verboden om de leefomgeving van beschermde diersoorten opzettelijk te verontrusten, aldus artikel 10 van de Flora- en Faunawet. Dit betekent echter niet dat bij ieder bouwplan sprake is van een opzettelijke verontrusting. Immers, ook een beschermde diersoort moet zich aanpassen aan een veranderende omgeving. In dit geval maakt het bouwplan deel uit van een groter foerageergebied van een steenuil. Als het bouwplan zou worden uitgevoerd zou dit dus niet betekenen dat er voor de uil geen plaats meer zou zijn. De Raad van State concludeert daarom dat op grond daarvan er geen reden is om de artikel 19 WRO vrijstelling niet te verlenen. Aan de andere kant betekent deze uitspraak dat als het vrij zeker is dat het leefgebied van een beschermde diersoort wel wordt verontrust de artikel 19 WRO vrijstelling geweigerd moet worden (mr. P.H.N. van Spanje).Meer informatie Uitspraak van de Raad van State

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.