Home

Achtergrond 544 x bekeken

Nieuwe fiscale faciliteit bij bedrijfsovername

Bij de stemming over het wetsvoorstel Belastingplan 2005 heeft de Tweede Kamer enkele wijzigingen aangebracht. Daaruit volgend komt er een nieuwe faciliteit. Als een ondernemer zijn bedrijf overdraagt aan de opvolger, maar de koopsom wordt schuldig gebleven, dan krijgt hij van de fiscus (renteloos) uitstel van betaling van de belastingaanslag die betrekking heeft op de stakingswinst. Ook kan de koopsom gedeeltelijk schuldig worden gebleven. De wijzigingen treden al per 1 januari 2005 in werking.

Een ondernemer kan op dit moment zijn bedrijf zonder belasting te betalen (geruisloos) doorschuiven naar de bedrijfsopvolger. Hij moet dan gedurende tenminste drie jaar met de opvolger in maatschap hebben samengewerkt. Ook als de opvolger drie jaar in loondienst is geweest kan geruisloos worden doorgeschoven. Er waren vergevorderde plannen om die periode van drie jaar per 1 januari 2005 terug te gaan brengen naar twee jaar. De verplichte samenwerkingsperiode zou dus korter worden. Op initiatief van de Tweede Kamer gaat deze verkorting niet door.
Er komt nu een nieuwe faciliteit. Als iemand zijn onderneming overdraagt aan de opvolger, maar de koopsom wordt schuldig gebleven, dan krijgt hij van de fiscus (renteloos) uitstel van betaling van de belastingaanslag die betrekking heeft op de stakingswinst. Het uitstel wordt aflopend voor een periode van 10 jaar verleend. Hij kan de koopsom ook gedeeltelijk schuldig blijven en krijgt dan gedeeltelijk uitstel van betaling. De regeling geldt voor aanslagen in verband met stakingswinst die is genoten vanaf 1 januari 2005.

In het nieuwe systeem zal uitgerekend moeten worden of de ondernemer zijn bedrijf ruisend (dus met afrekening, maar mogelijk ook met uitstel van betaling) of geruisloos overdraagt. Draagt hij ruisend over, dan heeft dat als voordeel dat de bedrijfsopvolger de overgenomen spullen voor de werkelijke waarde op de balans kan opnemen en daarover kan afschrijven. Bij een geruisloze overdracht kan dat niet, en mist de opvolger dit afschrijvingsvoordeel. Wel zal in deze situatie de belastingschuld (gespreid) betaald moeten worden, met een gemiddeld uitstel van vijf jaren. Verder is er in deze situatie geen verplichte samenwerking gedurende drie jaren.Als een ondernemer kan kiezen, bijvoorbeeld als al drie jaren wordt samengewerkt, zal goed nagedacht moeten worden welke optie voor overdrager en voor opvolger het voordeligst is.

Een voorbeeld
Een ondernemer heeft een agrarisch bedrijf met een boekwaarde van € 4 miljoen. De werkelijke waarde van dit bedrijf is € 6 miljoen. De meerwaarde zit voor € 1 miljoen in de gronden en voor € 1 miljoen in het melkquotum. Als deze man zijn onderneming verkoopt maakt hij een winst van € 2 miljoen. De helft daarvan is vrijgesteld (landbouwvrijstelling) de andere helft is belast tegen een tarief van maximaal 52 %. Op deze winst kan hij de stakingsvrijstelling (€ 3630) in aftrek brengen. Hij kan ook nog een stakingslijfrente kopen. Over het restant moet hij afrekenen.Stel dat er een aanslag van € 400.000 over zijn winst wordt opgelegd. Als hij het bedrijf verkoopt aan zijn zoon, waarbij deze de koopsom aan u schuldig blijft, wordt voor de aanslag van € 400.000 tien jaar lang renteloos uitstel van betaling verleend. Ieder jaar vervalt van dit uitstel vervolgens 10 %. Dus na jaar 1 moet de overdrager € 40.000 aflossen op de schuld, en zo ieder jaar opnieuw, totdat de schuld is afgelost. Dit percentage kan wel hoger maar niet lager zijn: de fiscus sluit aan bij de afspraken tussen opvolger en overdrager. Is bijvoorbeeld aflossing in vijf jaar overeengekomen, dan bedraagt de uitsteltermijn ook vijf jaar. Ieder jaar vervalt dan 20% van het uitstel. Langer dan tien jaar (met een jaarlijkse aflossing van 10%) kan het uitstel echter niet zijn. (mr. S.F.J.J. Schenk)

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.