Home

Achtergrond 105 x bekeken

Geen lijfrentepremieaftrek bij niet juist inbrengen onderneming in BV

Bij inbreng van bedrijf in BV kan bedongen lijfrenteaftrek geen doorgang vinden als het voor de oprichting van de BV al weer wordt doorverkocht. Onlangs kwam de Hoge Raad tot deze conclusie in twee vergelijkbare uitspraken. Even snel een BV oprichten voor de lijfrenteaftrek, terwijl de verkoop al nagenoeg rond is, is dus zinloos.

In de eerste zaak betrof het een bedrijf met zowel melkveehouderij als akkerbouw. De veehouderijtak werd echter verkocht en overgedragen nog voordat de BV was opgericht. Verder heeft de Staatssecretaris bij resolutie besloten dat geruisloze inbreng alleen mogelijk is bij inbreng van de gehele onderneming en niet een gedeelte daarvan. Dus gaat in deze zaak de gehele lijfrentepremieaftrek niet door.

In de tweede zaak betrof het een kalkoenhouderij en een klein deel akkerbouw. Er liepen onderhandelingen met de gemeente over 3,76 hectare grond inclusief de kalkoenstallen. Er bleef daarna nog 0,7 hectare met daarop een loods werd door de BV verkocht aan de inmiddels ex-boer. De uiteindelijke koop en overdracht aan de gemeente vond plaats nadat de BV was opgericht. Aangezien de onderhandelingen nagenoeg rond waren voor de oprichting van de BV, oordeelde het Hof de BV de onderneming niet heeft overgenomen.

Het snel oprichten van een BV om lijfrentepremieaftrek te krijgen heeft dus geen zin, als de onderhandelingen al gaande zijn of er op korte termijn verkocht wordt. Daarnaast kan dit alleen bij inbreng van de hele onderneming.

Meer informatie Uitspraak van het Hof in de eerste zaak

Meer informatie Uitspraak van het Hof in de tweede zaak

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.