Home

Achtergrond 235 x bekeken

Anti-speculatiebeding en voorkeursrecht tot koop op domeingronden

De in 2000 door de regering bepaalde tijdelijke verkoopstop van agrarische gronden aan de zittende (erf)pachters wordt gedeeltelijk opgeheven. De staat verkoopt meestal voor een lagere waarde dan de vrije economische waarde. Om de pachter niet te bevoordelen neemt de staat als voorwaarde bij de verkoop op een anti-speculatiebeding of een voorkeursrecht van koop.

De staatssecretaris heeft in een brief van 24 juni 2003 aangekondigd dat op deze gronden een voorkeursrecht van koop voor de Staat wordt gevestigd voor de duur van 10 jaar. Dit houdt in dat als de erfpachter de grond, ook wel genoemd het “blote eigendom”, koopt hij bij een verkoop binnen tien jaar de Staat bij voorkeur in de gelegenheid moet stellen om de grond aan te kopen. Een vergelijkbare regeling dus als de Wet voorkeursrecht gemeenten.

In de praktijk komt dat er op neer dat een eigenaar met het beding niet de vrije economische waarde voor de grond kan krijgen. Hij kan het namelijk niet aan een ieder verkopen. Als hij het aanbiedt aan de Staat en deze is bereid tot aankoop dan zal een arbitragecommissie de waarde vaststellen. Vooraf is bepaalt dat dat niet de vrije economische waarde is, maar de lagere agrarische waarde. Dit zal voor de erfpachter dus weinig aantrekkelijk zijn. Het is niet duidelijk hoe de bepaling er verder uit komt te zien. Wel is het gebruikelijk dat de staat een bepaling opneemt dat wel verkoop wel zonder aanbiedplicht mag plaatsvinden bij verkoop bij overlijden.

In de kamer is ook wel gesproken over opname van een zogenaamd anti-speculatiebeding. Dit beding is in het verleden al opgenomen door de Staat bij de verkoop van domeingronden. Dit beding houdt in dat de koper, de voormalige erfpachter, de eerste tien jaar de grond niet mag verkopen, tenzij hij toestemming heeft van de Staat. Deze verleent dan slechts toestemming, indien het verschil wordt vergoed tussen de koopsom en de waarde in pachtvrije staat. Daarbij ging het dan met name om gevallen, waarbij de pachter de grond kocht in verpachte staat.

Het voorkeursrecht en het anti-speculatiebeding worden opgenomen in de koopovereenkomst. Het zijn kettingbedingen en dat houdt in dat als de grond wordt overgedragen, bijvoorbeeld in familieverband, het beding er op blijft rusten. Gebeurt dat niet, dan krijgt de voormalige eigenaar een zeer aanzienlijke boete. (mr. P.H.N. van Spanje)

Meer informatie Brief van Staatssecreataris aan de kamer

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.