Home

Achtergrond 110 x bekeken

Stankregels treffen vooral zeugenhouders

Het ministerie van Vrom heeft nieuwe afstandseisen bekendgemaakt die gelden tussen veehouderijen en voor stankgevoelige objecten. De nieuwe stankcirkels leggen beperkingen op aan varkenshouders. Voor pluimveehouders pakken de maatregelen gunstiger uit.

Per 1 mei is de Wet stankemissie veehouderijen in landbouwontwikkelingsgebieden, waarvan de nieuwe afstandeisen deel uitmaken in werking getreden. Nu de wet in werking is getreden moeten alle lopende aanvragen opnieuw worden getoetst aan de nieuwe normen.
Op grond van metingen heeft het ministerie de stankoverlast van verschillende veehouderijsystemen bepaald. Uitgangspunt daarbij is de stankuitstoot van één vleesvarken in een conventionele stal.
Hoe de maatregelen in individuele gevallen precies uitpakken, is moeilijk te zeggen. Dat is afhankelijk van vele factoren. Het gaat dan om onder meer het aantal gehouden dieren, de maatregelen die door de boer zijn genomen om stank tegen te gaan en om welke bebouwing in de buurt van het bedrijf ligt. In het algemeen geldt dat de afstand tot stankgevoelige objecten (bebouwde kom, recreatieverblijven) minimaal honderd meter bedraagt.

Zeugenhouders zwaar getroffen
Mochten bij gespeende biggen in traditionele huisvesting eerst nog 11,0 dieren per mestvarkeneenheid (mve) gehouden worden, nu is zijn dat er nog maar 2,9. ook bij guste en dragende zeugen is de norm behoorlijk aangescherpt: van 3,0 naar 1,2. per mve. Bij kraamzeugen daalt de norm van 1,5 naar 0,8 dier per mve.
Voor pluimveehouders pakken de nieuwe stankregels gunstiger uit. In de meeste gevallen mogen er zelfs meer dieren per mestvarkeneenheid gehouden worden. Allleen voor ouderdiere en grootouderdieren van vleeskuikens zijn de normen naar beneden bijgesteld. Bij traditionele huisvesting van 45 naar 23,7 dier per mve.
Voor pelsdierhouderijen gelden strengere eisen, vanwege de aanzienlijke stank die de dieren voortbrengen. Pelsdierhouderijen moeten zich op ten minste 175 meter van de bebouwde kom bevinden.

Afgezien van stankcumulatie
Het ministerie heeft de gevolgen van de nieuwe richtlijnen bekeken in drie gemeenten in concentratiegebieden. Vrom claimt dat de ontwikkelingsmogelijkheden voor veehouderijen in het algemeen sterk toenemen. Dat komt volgens het ministerie omdat de nieuwe wet niet uitgaat van cumulatie van stank. De afstand tot een stankgevoelig object kan daardoor flink worden verkort. Ook mestverwerkingsinstallaties krijgen door de nieuwe regeling meer ontwikkelingsmogelijkheden, stelt Vrom in een toelichting op de publicatie van de nieuwe afstandeisen.
Met de nieuwe afstandseisen geeft het ministerie invulling aan de recente Wet stankemissie veehouderijen. Deze wet vervangt de Richtlijn veehouderij en stankhinder uit 1996. Het is overigens aan het bevoegd gezag (in casu de gemeente) om met de nieuwe regels in de hand de minimumafstand te bepalen van veehouderij tot stankgevoelig object.

Meer informatie inclusief alle normen Regeling stankemissie

Lees ook Vraagtekens bij rechtsgeldigheid nieuwe geuremissiefactoren

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.