Home

Achtergrond 83 x bekeken

Mondelinge huurovereenkomst onvoldoende voor dierpremies

In het kader van de Regeling Dierlijke EG-premies is een schriftelijke verklaring achteraf niet voldoende om aan te tonen dat er sprake is van een huurovereenkomst. Voor dieren die op een ander bedrijf staan kan daarom geen subsidie worden aangevraagd. Dat oordeelt het College van Beroep voor het Bedrijfsleven.

Een agrarisch ondernemer huurde drie stallen voor vleesvee van zijn schoonmoeder. Hiervoor zijn mondeling afspraken gemaakt. In 2000 heeft hij bij Laser premies aangevraagd voor de 55 stieren die in de huurstallen staan. Deze zijn afgewezen, omdat de dieren niet op het eigen bedrijf zijn gehouden en zonder officiële gebruikstitel. De ondernemer maakt bezwaar tegen de afwijzing.

Nadat de aanvraag van de premies waren afgewezen, hebben zowel de ondernemer als de verhuurder van de stallen een schriftelijke verklaring opgesteld. Daarin staat dat beiden geen enkele aanleiding hebben gehad om de huurovereenkomst schriftelijk op te zeggen.

Het College van Beroep voor het Bedrijfsleven beslist dat Laser de premies terecht heeft afgewezen omdat er geen sprake is van een gebruikstitel die de regeling voorschrijft. Het achteraf opstellen van een schriftelijke overeenkomst doet daar niets aan af.

Meer informatie Uitspraak College

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.